Meer
Publicatiedatum: 27-05-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Programma 4 | Zorg en Volksgezondheid

Samenhang met andere programma's

Ook dit programma heeft raakvlakken met programma 1 de hoofdstukken Kernwaarden, duurzaamheid, betrouwbaarheid en dienstbaarheid. Daarnaast vooral met programma 3 Welzijn en ook met programma 2 Wonen. 

 

Programma 4: Zorg en Volksgezondheid Portefeuillehouder
Hoofdstuk 1 Sociaal beleid Wethouder J. van den Hoven, wethouder R. Bakker, wethouder D. Odabasi en wethouder E. Daandels
Hoofdstuk 2  Maatschappelijke ondersteuning Wethouder J. van den Hoven, wethouder R. Bakker, wethouder D. Odabasi en wethouder E. Daandels
Hoofdstuk 3 Jeugd en jongerenbeleid Wethouder D. Odabasi
Hoofdstuk 4 Lokaal gezondheidsbeleid, gezondheidszorg, verslavingszorg Wethouder D. Odabasi

Inleiding

Minder overheid meer burger
Voorlopig zet de trend door dat steeds meer verantwoordelijkheden van het Rijk naar de gemeenten gaan. Zo zijn er de zogenoemde ‘transities’. Vanaf 2015 zijn taken op het gebied van jeugd, zorg en werk aan gemeenten overgedragen. Wij vinden dat een goede zaak omdat we deze taken met minder regels dichter bij de inwoners kunnen organiseren. Met meer lokale zeggenschap over de taken in het sociale domein hebben we de kans om daadwerkelijk een verbetering aan te brengen in het versnipperde landschap van onder meer de maatschappelijke ondersteuning. Dit zagen we het afgelopen jaar bevestigd in de pilots die hebben gedraaid met zogenoemde ‘gezinscoaches’.
 
Er is een belangrijke relatie tussen onze ambitie om vitaal burgerschap te stimuleren en het vormgeven van de transities. Onze inzet is om minder te ‘zorgen voor’ mensen en meer te ‘zorgen dat’ mensen zichzelf kunnen redden. Uiteraard moet iemand voor wie dit (nog) een onmogelijke opgave is niet aan zijn lot worden overgelaten, maar moet hij kunnen rekenen op de overheid. In het coalitieprogramma besteden wij daarom onder meer extra aandacht aan het armoedebeleid, vooral gericht op kinderen.
 
De transities
De transitietaken op het gebied van jeugd, zorg en werk voeren we sinds 1-1-2015 uit. In het Transitieplan ‘Andere kijk, goed voor elkaar’ is onze koers beschreven voor de periode 2015-2017. Voor de periode 2018-2022 is een nieuw koersdocument door Uw raad vastgesteld op 21 december 2017. Als college kiezen we voor een actieve samenleving waarin inwoners zichzelf en anderen helpen en waarin huishoudens zich sociaal en economisch zelf kunnen redden. Daarbij gaan we uit van eigen kracht van inwoners en hun sociale netwerk. De inwoners voor wie dit (nog) niet haalbaar is krijgen op twee manieren ondersteuning: (1) wij zorgen dat ze niet buiten de boot vallen én (2) we zorgen dat ze beter leren om voor zichzelf te zorgen. We zullen deze inwoners blijven steunen volgens de uitgangspunten ‘meer op maat’ en ‘naar draagkracht.’ De keuze om meer aan mensen zelf over te laten is niet alleen ingegeven door de noodzaak om te bezuinigen maar zeker ook door de overtuiging dat het zelf oplossen van problemen de mensen en de samenleving sterker maakt. Waar wel ondersteuning nodig is willen we deze als streven op de volgende ambities richten:
  • Iedereen vrij van structurele en langdurige ondersteuning;
  • Ieder huishouden heeft minimaal één kostwinner;
  • Iedere jongere haalt een startkwalificatie.
Met hun zorgvraag kunnen onze inwoners sinds 1-1-2015 op één plek (de toegang) bij de gemeente terecht. Dit wordt centraal door onze gemeente georganiseerd. Dit om te garanderen dat overzicht wordt behouden op alle interventies in het sociale domein, dat er korte lijnen zijn voor de afstemming en dat efficiëntiewinst kan worden behaald. Dit is nodig om ook op termijn hulp te kunnen bieden aan mensen die het echt nodig hebben. We zien namelijk goede mogelijkheden tot verbetering van de effectiviteit, onder andere door meer maatwerkoplossingen in plaats van het maken van generieke kosten. Het Waalwijkse model komt geleidelijk tot ontwikkeling. We kunnen niet alles tegelijk. In 2015 is voor het grootste gedeelte van onze nieuwe cliënten bovendien nog sprake van zogenaamd ‘overgangsrecht’: rechten op basis van het oude regime. In 2016 zijn de meeste vormen omgezet naar het nieuwe regime. Voordelen van de jeugdhulp ( pleegzorg) is pas in 2018 vanwege regionale afspraken. Hetzelfde geldt voor Beschermd wonen (via centrumgemeente Tilburg). Organisaties die betaalde ondersteuning geven, hebben als opdracht in de hulpverlening de eigen kracht van inwoners centraal te stellen. Bij het contracteren van maatschappelijke organisaties en de verantwoording hanteren we als criteria:
  • De eigenkrachtbenadering;
  • De mate waarin resultaten worden behaald;
  • De bejegening van de cliënt.
Transitieplan
In het transitieplan ‘Andere kijk, goed voor elkaar’ is een uitvoeringsplan voor de Toegang / team WijZ beschreven. Dit omvat onder meer:
  • Wat gaat er voor de inwoners veranderen na 2015: omschrijving van de verschuiving van taken op het gebied van Maatschappelijke Ondersteuning, Jeugdwet en de Participatiewet;
  • Waar kan de inwoner terecht met een ( hulp) vraag die betrekking heeft op het Sociaal Domein;
  • Hoe wordt ondersteuning op maat geleverd aan inwoners;
  • Welke financiële kaders zijn er.
Inkoopplan
De doelstellingen en alle berekeningen zijn vertaald naar een inkoopplan. Daarin is aangegeven wat de gemeente lokaal inkoopt, wat regionaal en wat landelijk (2015). Het doel van het inkoopplan is het sluiten van overeenkomsten met aanbieders van jeugdhulp en Wmo om inwoners de steun te kunnen bieden die nodig is. Er wordt ook ruimte geboden voor innovatie. Dat is noodzakelijk om te werken conform de doelstellingen uit het transitieplan, maar ook om binnen de beschikbare budgetten te blijven. In 2016 is gekozen voor een nieuwe aanbesteding omdat de tarieven voor Jeugdhulp en voor de Wmo van 2015 aangepast moesten worden en om enkele veranderingen door te voeren die niet mogelijk waren binnen het lopende contract Voor 2017 is voor de Wmo besloten om de raamovereenkomsten met een jaar te verlengen. Ten aanzien van de Jeugdhulp voor 2017 is regionaal besloten om de lokale inkoop van de jeugdhulp over te hevelen naar de regio. Bestaande indicatie voor jeugdhulp blijven tot uiterlijk 31 december 2017 van kracht. Deze inkoop wordt uitgevoerd door de Gastheergemeente Tilburg. Tevens is besloten om de laagdrempelige jeugdhulp (segment 2) niet meer productgericht in te kopen maar resultaatgestuurd en op basis van arrangementen. De indicatiestelling ten behoeve van cliënten door team WijZ zal hierop worden aangepast. In de periode 2017 – 2020 zal het resultaat - gestuurd inkopen en werken worden doorontwikkeld. De regio Hart van Brabant zal dit als pilot – regio vormgeven in samenwerking met het NJI ( Nationaal Jeugd Instituut) en de VNG.

Lokale ontwikkelingen

Naast het regionale verband zijn er lokale ontwikkelingen. Naast de stichting Jongerencentra Waalwijk (o.a. de Tavenu) is het onderwijs een belangrijke vindplaats van jeugdproblematiek. Door vroegtijdig ingrijpen kan onnodige escalatie worden voorkomen. Waalwijk kent daarvoor een ‘schakelfunctie’ die ingezet wordt bij het Primair- en Voortgezet Onderwijs. De schakelfunctie wordt uitgevoerd door de GGD Hart van Brabant. Jeugdverpleegkundigen signaleren en ondersteunen bij lichte enkelvoudige problematiek; jeugdartsen vervullen daarbij een adviserende rol. De schakelfunctie wordt in oktober 2017 geëvalueerd.

Armoedebeleid

Wat willen we bereiken?

De aanpak van armoede- en schuldenproblematiek  is steeds meer een maatwerkaanpak geworden en richt zich op alle levensdomeinen ( werk, onderwijs, wonen en zorg). Dit betekent dat armoedebeleid meer is dan alleen inkomensondersteuning. Het effectief bestrijden van  armoede en sociale uitsluiting vergt een integrale aanpak want er is vaak meer dan een enkele reden dat iemand – soms tijdelijk, soms langdurig – de eindjes niet aan elkaar kan knopen. Zo kunnen schulden, onverwacht baanverlies, verandering in het gezin of gezondheid een rol spelen. Integraal werken, met beleidsterreinen binnen het sociale domein  en samenwerken met externe partners is waardevol in het signaleren en voorkomen van armoede.  alsmede met private partijen, is tevens waardevol in het tijdig signaleren en voorkomen van armoede.

Het armoedebeleid in Waalwijk staat voor:

  • het voorkomen van sociale uitsluiting
  • terugdringen van het niet gebruik van voorzieningen
  • voorkomen en aanpakken van financiële problemen
  • het samenwerken en het versterken van netwerken
  • maatwerk
  • stimuleren zelfredzaamheid en economische onafhankelijkheid
  1. Bereik doelgroep:

Het niet gebruik van voorzieningen is een belangrijk speerpunt. In 2015 hebben we geconstateerd dat we doelgroep behoorlijk hebben  kunnen bereiken, waarbij het instrument PasWijzer het meest succesvol is: namelijk 57% bereik. In de vervolgnotitie armoede van april hebben we een stevige ambitie uitgesproken namelijk 75% bereik van de doelgroep.

           2. Versterken zelfredzaamheid

Mensen die langdurig in armoede leven en geldgebrek kennen leven in met chronische stress. Stress en armoede hebben een negatieve invloed op mensen. Ze nemen vaker ondoordachte beslissingen en laten zich sterker beïnvloeden door acute problemen. Eigen verantwoordelijk blijft het uitgangspunt, maar bij de aanpak van schulden wordt rekening gehouden met de stress die geldgebrek veroorzaakt. De aanpak richt zich dan ook niet uitsluitend op het aanpakken van de schulden maar er wordt ook gekeken naar oorzaak en gevolg. Als er sprake is van andere problematiek wordt deze tegelijkertijd aangepakt.

          3. Ontwikkelen ArmoedeLab:

In het Beleidsplan schuldhulpverlening 2017 – 2020 wordt ingezet op een totaal aanpak, waarbij de focus vooral gelegd wordt op preventie- en vroegsignalering.   Het voorkomen van schulden is een taai probleem waar onvoldoende grip op is, Dit  heeft diverse oorzaken maar schaamte het bespreekbaar maken van het probleem speelt zeker mee. Met de maatschappelijke partners, zowel professionals als vrijwilligers starten wen een Armoedelab. Het Armoedelab  is een platform voor nieuwe plannen uit de samenleving voor een verbeterde armoede en schuldhulpverlening

          4. Verbinden

Mensen die leven in armoede ervaren vaak ook problemen op andere levensdomeinen, zoals bijvoorbeeld gezondheid. Problemen die kunnen leiden dat mensen in een sociaal isolement raken.  Het voorkomen van een sociaal isolement is een belangrijk speerpunt in het gemeentelijke armoedebeleid.

         5. Doorbreken generatie armoede

Door middel van de inzet van de zogenaamde Klijnsma middelen gaat het bestrijden van armoede in 2018 een impuls krijgen.    De gemeente Waalwijk start in 2019 met een project gericht op het doorbreken van generatie- armoede.  Tijdens het project wordt met een stress-sensitieve aanpak gewerkt aan het verbeteren van de sociaal economische positie van kind en het gezin. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met Platform 31 en de Universiteit van Tilburg.

Wat hebben we gedaan in 2018?

1. De motie Geen Kind groeit op in armoede uitgevoerd. Dit heeft geresulteerd in het beleidsplan "Samen uit Armoede"dat op 16 oktober is vastgesteld door het college en op 31 januari 2019 door de raad.

2. Het project Grip op Geld is  uitgevoerd. Grip op geld is een samenwerking tussen de Rabobank Waalwijk, alle middelbare scholen in de Langstraat,  Gemeente Waalwijk, Gemeente Heusden, Gemeente Loon op Zand en de Tavenu. In de week van het geld gaan alle derdeklassers aan een week aan de slag met het thema geld. 

3. In 2018 is gestart met het ArmoedeLAB. 

4. Verstrekte voorzieningen in 2018:

Schuldhulpverlening:

  • 134 personen hebben contact opgenomen met het bureau schuldhulpverlening van Teamwijz. 
  • 66 huishouden zodanige problematische schulden dat ze aangemeld zijn bij Plangroep voor een schuldhulpverleningtraject
  • 12  huishoudens zodanige problematische schulden dat er sprake was van een crisissituatie, door interventie van het bureau schuldhulpverlening is uitzetting. afsluiting voorkomen en vervolgens zijn ze aangemeld bij Plangroep voor  schuldregeling
  • 37 personen zijn verwezen naar de thuisadministratiemaatjes van Contour de Twern. 
  • 10 jongeren hebben deelgenomen  via het Project "uit de schulden" van de Tavenu
  • ongeveer 1150 jongeren hebben deelgenomen aan het project Grip op geld.

Kindvoorzieningen:

  • 66 kinderen nemen deel aan Jeugdfondscultuur
  • 131 kinderen nemen deel aan Jeugdsportfonds
  • 191 kinderen lezen via de Waalwijk TaalrijkWijzer een schoolblad
  • 474 kinderen hebben in 2018 gebruik gemaakt van de gemeentelijke kindbonnen

Overig:

  • 365 huishoudens met een laag inkomen zijn in 2018 in aanmerking gekomen voor kwijtschelding 
  • 1.741 personen hebben in 2018 gebruik gemaakt van de PasWijzer

Wat hebben we niet gedaan en waarom niet?

  • Er is geen of onvoldoende uitvoering gegeven aan het onderdeel preventie en vroegsignalering van het beleidsplan schuldhulpverlening "Verder met een schone lei".  Dit hebben we niet gedaan omdat vanwege de doorontwikkeling van teamWIJZ de invulling van de functie/ vacature preventiecoach vertraging heeft opgelopen.
  • Het curatieve deel van de beleidsplan schuldhulpverlening is wel uitgevoerd.

Maatschappelijke ondersteuning

Wet maatschappelijke ondersteuning

Wet maatschappelijke ondersteuning  

Vanaf 1-1-2015 is de Wmo gewijzigd en is deze hervormd omdat:

  • Er andere eisen worden gesteld aan langdurige zorg: langer thuis, betere kwaliteit van ondersteuning en zorg, eenzaamheid dient te worden tegengegaan;
  • De betrokkenheid van mensen met elkaar in de samenleving moet worden vergroot. Meer zorg voor elkaar;
  • Er dient te worden hervormd om de financiële houdbaarheid te waarborgen.

De prestatievelden zijn vervangen door 3 hoofdeisen waaraan gemeenten moeten voldoen.

  1. Bevorderen sociale samenhang, de mantelzorg, het vrijwilligerswerk en de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente alsmede het voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld;
  2. Ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met een chronische, psychische of psychosociale problemen zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving;
  3. Bieden van opvang.

Wat willen we bereiken?

 

Prestatieindicator Nulmeting jaar - waarde Streefwaarden
2018

2018

Resultaat

2019 2020 2021
Tevredenheid cliënten toegang WijZ 2009 - 7,7 7,7* Niet gemeten 7 7 7
Tevredenheid hulpmiddelen Wmo 2014 - 7,5 7,5 7,1-8,0 7,5 7,5 7,5
Tevredenheid collectief vervoer (regiotaxi) 2014 - 7 7,5 7,4 7,4 7,4 7,4

*Vooralsnog staat als prestatie-indicator 7,7 vermeld. Vanaf 1 januari 2015 echter, hebben grote veranderingen plaatsgevonden  m.b.t. de toegang tot passende ondersteuning/zorg in het kader van de transities. Conform de doelstellingen in het Transitieplan sturen we op resultaat voor de huishoudens, de mate waarin huishoudens in eigen kracht zijn gezet en de bejegening. Daarnaast willen we doelen bereiken door doorlooptijden te verminderen en het gebruik van specialistische hulp terug te dringen ten gunste van lichtere vormen van hulp.

De tevredenheid m.b.t. hulpmiddelen (gemeten in 2018) wordt in twee cijfers weergegeven:  een 7,1 voor de producten en de diensten van de leverancier en een 8,0 voor de vriendelijkheid en deskundigheid van de servicemedewerker.

Voor wat betreft het collectief vervoer (Regiotaxi Midden-Brabant) wordt ieder jaar een klantervaringsonderzoek uitgevoerd.  Het behaalde resultaat over het jaar 2018 (7,4) betreft het gemiddelde cijfer voor de tevredenheid over het vraagafhankelijk vervoer in M-Brabant.

Het Wmo-beleid zal in 2018 op hoofdlijnen worden gecontinueerd. Waalwijk koopt (nieuwe) Wmo voorzieningen productgericht in, via een lokaal aanbestedingstraject. Overeenkomsten die we 2017 sloten met zorgaanbieders verlengen we in 2018, zij het met enkele aangepaste tarieven. Waar nodig stellen wij het inkoopkader bij. Punt van aandacht is bijvoorbeeld een samenhangende aanpak voor mensen met dementie waarvoor we aansluiting zoeken bij het medisch domein. 

We onderzoeken verder de mogelijkheid om meer een beroep te doen op ondersteuningsmogelijkheden in de eigen woonomgeving (eigen netwerk, dagactiviteiten in buurt- en wijkcentra, onafhankelijke cliëntondersteuners). Oorspronkelijk was het de bedoeling dat team WIJZ zelf lichte kortdurende ondersteuning zou bieden. In de praktijk ontbreekt het daarvoor aan tijd. In andere gemeenten pakt het maatschappelijk werk dit soort vragen op als basisvoorziening, die zonder indicatie voor iedereen beschikbaar is. Wij onderzoeken of een dergelijke werkwijze ook voor Waalwijk een optie is.

In 2018 wordt in samenwerking met de HvB-gemeenten gewerkt aan ontwikkelingen op het gebied van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang, waarvoor de verantwoordelijkheid vanaf 2020 overgaat naar alle gemeenten. Deze voorzieningen vallen nu nog onder die van centrumgemeente Tilburg. Waalwijk werkt verder regionaal samen aan een sluitende aanpak van preventie en passende ondersteuning voor verwarde personen. We verkennen de mogelijke inzet van een ‘wijk-GGDer’ die signaleert, escalatie voorkomt en passende hulp inschakelt.

Wat hebben we gedaan in 2018?

Vooralsnog stond als prestatie-indicator voor tevredenheid cliënten toegang WijZ een 7,7 vermeld. Vanaf 1 januari 2015 echter, hebben grote veranderingen plaatsgevonden  m.b.t. de toegang tot passende ondersteuning/zorg in het kader van de transities. Conform de doelstellingen in het Transitieplan sturen we op resultaat voor de huishoudens, de mate waarin huishoudens in eigen kracht zijn gezet en de bejegening. Daarnaast willen we doelen bereiken door doorlooptijden te verminderen en het gebruik van specialistische hulp terug te dringen ten gunste van lichtere vormen van hulp. In 2018 is team WijZ begonnen met het opstellen van nieuwe KPI's waaronder op het terrein van klanttevredenheid. Als KPI vanaf 2019 is gesteld:  "Het gemiddelde cijfer wat cliënten geven met betrekking tot de tevredenheid over de dienstverlening van Team WijZ is een 7." Het jaar 2018 is niet meer in meegenomen.

Voor hulpmiddelen Wmo is over het jaar  2017 een KTO uitgevoerd (met rapportage in 2018).  Het rapportcijfer voor vriendelijkheid en deskundigheid van de servicemedewerker bedroeg gemiddeld een 8.  De producten en diensten van de leverancier werden in het algemeen beoordeeld met een 7,1.  

Voor wat betreft het collectief vervoer (Regiotaxi Midden-Brabant, tegenwoordig: Regiovervoer Midden-Brabant) wordt ieder jaar een klantervaringsonderzoek uitgevoerd.  Vanaf juni 2017 echter is een nieuw vervoerssysteem van kracht waarbij meerdere doelgroepen kunnen worden samengevoegd. Er is een klantervaringsonderzoek uitgevoerd over de periode juni 2017 tot het voorjaar 2018.  Resultaten: De meeste klanten zijn tevreden over het vraagafhankelijk vervoer, het gemiddelde cijfer bedraagt een 7,4. Voor chauffeurs (7,6), de mogelijkheden (7,5), voor de dienstverlening (7,3) en voor de uitvoering van de ritten (7,2). 

Het Wmo-beleid  is in 2018 op hoofdlijnen gecontinueerd.  Overeenkomsten die we 2017 sloten met zorgaanbieders zijn verlengd in 2018, zij het met enkele aangepaste tarieven. Waar nodig is het inkoopkader bijgesteld. In 2018 is een lokaal aanbestedingstraject van start gegaan voor begeleiding Wmo vanaf 2019.  Deze is inmiddels met succes afgerond.

Verder zijn  in 2018  de mogelijkheden onderzocht om meer een beroep te doen op ondersteuningsmogelijkheden in de eigen woonomgeving (eigen netwerk, dagactiviteiten in buurt- en wijkcentra, onafhankelijke cliëntondersteuners). Dit heeft er o.a. toe geleid dat team WijZ zelf lichte kortdurende ondersteuning gaat bieden zonder indicatie middels het aanstellen van meerdere maatschappelijk werkers m.i.v. 2019.

In 2018 is in  samenwerking met de HvB-gemeenten gewerkt aan ontwikkelingen op het gebied van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang, waarvoor de verantwoordelijkheid vanaf 2020 overgaat naar alle gemeenten. Waalwijk werkt verder regionaal samen aan een sluitende aanpak van preventie en passende ondersteuning voor verwarde personen. Dit heeft geleid tot het aanstellen van een ‘wijk-GGZer’ die signaleert, escalatie voorkomt en passende hulp inschakelt.

Wat hebben we niet gedaan en waarom niet?

Niet van toepassing.

Jeugd en jongerenbeleid

Wat willen we bereiken?

Het creëren van randvoorwaarden zodat de jeugd van 0 tot 23 jaar zich kan ontwikkelen tot evenwichtige volwassenen die zowel sociaal als economisch zelfstandig kunnen functioneren. Dit doen we door de participatiegraad te verhogen zodat jeugd tot 23 jaar of onderwijs volgt of werkt.

Uitgegaan wordt van positief jeugdbeleid dat zich richt op positieve doelen voor alle jeugdigen en hun ouders. Talentontwikkeling en een sterke sociale leefomgeving staan daarbij centraal zodat kinderen in optimale omstandigheden kunnen opgroeien.

Transitie jeugdhulp

In 2014 is de Jeugdwet aangenomen. Op basis van deze wet zijn gemeenten per 1-1-2015 verantwoordelijk voor het geheel aan preventie, ondersteuning, begeleiding, hulpverlening en behandeling  bij problemen in het gezond en veilig opgroeien van kinderen tot volwassenheid. Daaronder vallen ook de uitvoering van jeugdbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. De hulp moet laagdrempelig zijn en gemakkelijk te herkennen. Om dit te realiseren wordt samengewerkt met het onderwijs, huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen ( GGD). De ondersteuning is in eerste instantie gericht op het vergroten van eigen kracht en iedere jongere een startkwalificatie.

De jeugdbescherming en de jeugdreclassering, of wel de zorg die valt onder veiligheid en in het gedwongen kader moeten vanuit de Jeugdwet op regionaal niveau worden georganiseerd en moet aansluiten bij het Zorg – en Veiligheidshuis ( regio Midden Brabant). De jeugdbeschermingsmaatregelen ( b.v. voogdij en gezinsvoogdij) worden uitgevoerd door Gecertificeerde instellingen ( voormalig Bureau Jeugdzorg). De taak Toegang van het voormalig Bureau Jeugdzorg wordt uitgevoerd door team WijZ. Deze taak maakt deel uit van de  “integrale toegang” ( team WijZ , zoals die in Waalwijk voor de transities op het gebied van jeugd, zorg en werk is ingericht).  Er is actief aansluiting gezocht bij een aantal “vindplaatsen” zoals het onderwijs ( Passend Onderwijs) en het medisch domein ( o.a. huisartsen). De samenwerking met deze partijen zal in 2018 worden geïntensiveerd. Meer informatie over het Passend Onderwijs is te vinden in Programma 5, scholing.

Binnen de transformatie van het sociaal domein is in 2015 en 2016 de bestaande systematiek gehandhaafd en was er sprake van een zachte landing. In 2017 werd een grote stap gezet in de transformatie door de definitieve keuze te maken voor resultaatgestuurde inkoop. Inkoop op resultaten prikkelt aanbieders om effectiever en kostenbewuster te werken en passende ondersteuning te bieden aan kinderen en gezinnen.

In 2017 was het voornemen om in 2018 de gehele jeugdhulp al resultaat – gestuurd op basis van arrangementen in te kopen. Echter, gezien de complexiteit van het werken met arrangementen  op basis van resultaatsturing is besloten om de ervaringen van 2017 met arrangementen in segment 2 te gebruiken voor de invoering  van de nieuwe manier van werken in 2019. Voor 2018 wordt de Jeugdhulp die onder segment 2 valt verlengt met 1 jaar en worden de trajecten die vallen onder segment 3 nog ingekocht op basis van P X Q.

In de regio Hart van Brabant wordt ook het PGB – beleid op elkaar afgestemd en daar waar mogelijk ( b.v. tarieven) geüniformeerd.  Uitgangspunt is en blijft wel dat het PGB – beleid lokaal beleid is.

Wat hebben we gedaan in 2018?

In 2018 is lokaal gewerkt aan de verbetering van de aansluiting tussen de geïndiceerde jeugdhulp en het passend onderwijs. Samen met het Samenwerkingsverband Primair - en Voortgezet Onderwijs en de GGD Hart van Brabant is het functioneren van de schakelfunctionaris aangepast aan de wensen van de scholen en zijn er verbeteringen doorgevoerd ten behoeve van de aansluiting tussen de gemeentelijke Toegang ( team WijZ ) en de zorgstructuren op de scholen. 

Ook zijn in 2018 de voorbereidingen getroffen voor de versterking van het voorliggend veld in Waalwijk waardoor clïënten zonder indicatie kunnen worden verwezen.  In 2018 heeft het college besloten akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van subsidies ten behoeve van het project steunouder, Mamacafé en het Autismecafé. Dit zijn allemaal initiatieven die worden uitgevoerd door vrijwilligers onder begeleiding van ContourdeTwern . Om de aansluiting met het medisch domein te verbeteren is een aantal bijeenkomsten georganiseerd voor de huisartsen en GGD - jeugdartsen in Waalwijk.  Beide vindplaatsen ( onderwijs en medisch domein) zullen ook in 2019 extra aandacht vragen.

Om de samenwerking met Veilig Thuis te verbeteren zijn netwerkbijeenkomsten georganiseerd en heeft een zgn. bruggenbouwer van Veilig Thuis  één dagdeel in de week een werkplek gehad bij team WijZ.  Dit geldt ook voor de aansluiting en samenwerking met Jeugdbescherming Brabant (JBB). Een medewerkster van JBB is voor een aantal dagdelen per week gedetacheerd geweest bij team WijZ voor de begeleiding van de coaches bij de behandeling van drangcasussen. 

Eind 2017 is de Koers Jeugd door alle gemeenteraden vastgesteld. In 2018 is gewerkt aan de voorbereidingen voor de uitvoeringsagenda  Jeugdhulp 2019. Het opstellen van deze uitvoeringsagenda Jeugdhulp heeft vertraging opgelopen door de geprognosticeerde financiële tekorten jeugdhulp voor 2018.  Deze tekorten hebben geleid tot het invoeren van beheersmaatregelen en het opstellen van een herijkte deelbegroting jeugdhulp 2018.  De gemeenteraad van Waalwijk heeft hierop in de vergadering van 17 december 2018 haar zienswijze gegeven.

In 2018 is ook op Hart van Brabant - niveau gestart met activiteiten om extra aandacht te geven aan het verminderen van kindermishandeling. Vanuit Waalwijk wordt deelgenomen aan de activiteiten die worden voorbereidt en uitgevoerd door de Taskforce Kindermishandeling.  In de week tegen Kindermishandeling is een netwerkbijeenkomst georganiseerd in Waalwijk .

De jeugdhulp voor 2018 is ingekocht op basis van arrangementen voor segment 2 ( licht - specialistische jeugdhulp) en op basis van PxQ voor segment 3 ( zwaar - specialistische jeugdhulp).  Het PGB  ( persoonsgebonden budget) - beleid is op elkaar afgestemd in de regio . Dit heeft niet geleid tot uniformering van de tarieven omdat het uitgangspunt hierbij is dat dit lokaal beleid betreft en gemeenten niet tot overeenstemming konden komen. 

Wat hebben we niet gedaan en waarom niet?

De uitvoeringsagenda Jeugdhulp 2019 had in 2018 klaar moeten zijn. Door de geprognosticeerde financiële tekorten voor de jeugdhulp 2019 in Hart van Brabant is prioriteit gegeven aan het inzichtelijke maken van de oorzaken van deze tekorten en het formuleren van beheersmaatregelen. 

Lokaal gezondheidsbeleid

Wat willen we bereiken?

Lokaal gezondheidsbeleid.

In de Nota Gezondheidsbeleid regio Midden Brabant 2016 – 2019 zijn de regionale ambities opgenomen:

  • jongeren onder de 18 jaar drinken geen alcohol;
  • kinderen hebben een gezond gewicht;
  • het (ziekte)verzuim van leerlingen neemt af.

Per ambitie zijn regionale en lokale maatregelen opgesteld. 

De komende jaren zijn er geen extra lokale middelen beschikbaar voor de uitvoering van het gezondheidsbeleid. Om deze reden is gekozen om de Waalwijkse aanpak te beperken tot het continueren van de twee thema’s uit de pilotnota 2014-2015, te weten:

  1. Terugdringen van alcoholgebruik bij jongeren door middel van alcoholpreventie;
  2. Zoveel mogelijk voorkomen van en terugdringen van overgewicht met name bij jongeren. Hierbij wordt vooral ingezet op meer bewegen. Met sport als middel stimuleren we een gezond leef- en sportgedrag voor de 6 t/m 16 jarigen in samenwerking met de GGD Hart voor Brabant.

Preventie en handhaving Drank – en Horecawet.

Alcoholpreventie sluit aan bij de Drank – en Horecawet die is ingevoerd om effectiever schadelijk alcoholgebruik door jongeren tegen te gaan. We willen de volgende resultaten bereiken:

  1. De leeftijd waarop jongeren hun eerste glas alcohol drinken is in de gemeente gestegen;
  2. Het percentage jongeren dat recent alcohol heeft gedronken (in de afgelopen 4 weken), is gedaald;
  3. Het percentage jongeren (12-18 jaar) dat aangeeft dat de ouders alcoholgebruik onder de 16 jaar afraden of verbieden, is toegenomen;
  4. Het percentage jongeren dat recent dronken of aangeschoten is geweest (in de afgelopen 4 weken), is gedaald;
  5. Het percentage bing-drinkers (in korte tijd veel drinken) is gedaald.

De gewenste effecten worden gemonitord door de GGD Hart van Brabant. Een geschikte 0-meting bleek nog te ontbreken. De cijfers van de GGD geven wel enige indicatie van ontwikkelingen op dit beleidsterrein. Echter, er kunnen geen harde verbanden tussen preventie en handhaving en de resultaten gelegd worden. Hierdoor is het nog niet mogelijk om verbeterpercentages te noemen. Om dit in de komende jaren wel te kunnen realiseren, is er in 2016 een 0-meting uitgevoerd in de gemeente en wordt er een monitoring uitgevoerd die uitgebreider is dan de gegevens van de GGD HvB. Zo wordt het beleid van het lokale gezondheidsbeleid 2016-2019 en het Preventie- en Handhavingsplan alcohol 2016-2019 gemonitord via kwantitatieve en kwalitatieve gegevens.  

Daarnaast zijn er in 2014 en 2015 convenanten gesloten met de lokale horecaverstrekkers. Doelstelling van het convenant is om als alcoholverstrekkers en gemeente een gezamenlijke verantwoordelijkheid te pakken in de doelstellingen van de Drank- en horecawet. In de periode 2016 tot en met 2019 wordt er via een lokale werkgroep Alcohol (deelnemers: gemeente, politie, GGD, jongerenwerk, Novadic Kentron, Halt etc.) ingezet op deze samenwerking met de alcoholverstrekkers en het behalen van de doelstellingen uit de Drank- en horecawet.

Wat hebben we gedaan in 2018?

De bestaande interventies en overlegstructuren zijn in 2018 doorgezet, om de doelstellingen uit de Regionale Nota publieke gezondheid en het Preventie- en Handhavingsplan van gemeente Waalwijk te behalen. De preventieve acties richtten zich net als in voorgaande jaren onder andere op de rol van de ouders ten aanzien van de alcoholconsumptie van jongeren onder de 18 jaar, één van de belangrijkste factoren die uit onderzoeken naar voren komen.  Door het jaar heen zijn door onze BOA’s regelmatig controles uitgevoerd op de Drank en Dorecawet. Er wordt dan ook specifiek gelet op schenken onder de 18. Er is met name gecontroleerd tijdens carnaval en grote evenementen, maar bijvoorbeeld ook bij supermarkten en slijterijen. Eind 2018 is in samenspraak met relevante samenwerkingspartners besloten de huidige overlegstructuur (lokale werkgroep Alcohol) te heroverwegen. Dit proces loopt nog.

Als JOGG-gemeente (Jongeren op Gezond Gewicht) creëren we samen met partners een gezonde omgeving waarin de inwoners van Waalwijk, met name jongeren, gezond kunnen wonen, werken, opgroeien en recreëren. We zetten de JOGG-aanpak gemeentebreed in binnen de leeftijdsgroep 0-19 jaar, met daarbij aandacht voor de wijken en kernen met hogere overgewichtcijfers. Ook in 2018 hebben we weer ingezet op een tweetal landelijke succesvolle interventies: de Drinkwater campagne en Team Fit (Gezonde sportkantine).  De  JOGG (Jongeren op Gezond Gewicht)- beweging is gegroeid naar meer dan 40 partijen. Samen maken we ons sterk voor een gezonde omgeving. Op 10 scholen zijn bijvoorbeeld watertappunten gerealiseerd en er zijn 5 vignetten Gezonde Sportkantine uitgereikt.

Aanvullende projecten in het kader van lokaal gezondheidsbeleid richtten zich in 2018 onder andere op de voortzetting van de beweegcoach voor ouderen en het terugdringen van ziekteverzuim op school.

Wat hebben we niet gedaan en waarom niet?

We hebben alle voorgenomen acties in gang gezet.

Wat heeft programma 4 gekost?

Exploitatie Begroting 2018 primair Begroting 2018 incl wijziging Rekening 2018
Lasten 47.542.647 47.884.533 50.155.501
Baten -12.357.803 -12.117.089 -14.541.485
Saldo van lasten en baten 35.184.844 35.767.444 35.614.016
Onttrekkingen -1.034.000 -3.949.562 -3.900.830
Stortingen 0 628.500 628.500
Mutaties reserves -1.034.000 -3.321.062 -3.272.330