Toelichting op mutaties vanaf coalitieakkoord
1. Realiseren nieuwe busstations Noorder Parallelweg en Noorder Allee
Voor het realiseren van nieuwe busstations Noorder Parallelweg en Noorder Allee worden vanaf 2030 kapitaallasten geraamd.
2. Actualisatie vastgoedbeleid en vastgoedbeheer
Het maatschappelijk vastgoedbeleid wordt geactualiseerd ten behoeve van een toekomstbestendige en doelmatige maatschappelijke voorzieningenstructuur. Vanuit de Omgevingsvisie en maatschappelijke opgaven wordt een referentiekader voor maatschappelijke voorzieningen ontwikkeld en vertaald naar een strategische en flexibele vastgoedportefeuille. Waarna in 2028 het integraal investerings- en onderhoudsplan wordt geactualiseerd. De herijking ondersteunt tevens de beweging naar impactgericht subsidiëren, waarbij subsidie en vastgoed zoveel mogelijk worden ontvlochten en eenduidige kostprijsdekkende verhuur- en beheersafspraken worden gemaakt. De uitvoering vindt plaats in 2027 en 2028, waarbij 2027 in het teken staat van visie, kaders en portefeuillestrategie en 2028 en 2029 van implementatie en uitvoering. Voor de uitvoering is naar verwachting gedurende drie jaar 0,5 fte op onderdelen specialistische inhuur nodig.
3. Cluster coördinator LTH
De formatie van LTH wordt structureel uitgebreid met 1,0 fte Clustercoördinator LTH. Deze uitbreiding is noodzakelijk omdat de huidige aansturing van de afdeling reeds uit de pas loopt. Met het oog op de verdere groei en uitbreiding van LTH is versterking van de aansturing onontkoombaar. Naar verwachting wordt de vacature in april ingevuld.
4. Aanbesteding financieel systeem / onttrekking AR
In het overdrachtsdocument is vastgesteld dat versterking van bedrijfsvoering nodig is om de groeiende complexiteit van opgaven goed te ondersteunen. Het huidige financiële systeem (sinds 2014) sluit steeds minder aan bij de behoefte aan sturingsinformatie. Vernieuwing is daarom noodzakelijk om de basis op orde te brengen en de balans tussen ambities en ondersteuning te herstellen. De kosten van de aanbesteding en implementatie van het financieel systeem komen ten laste van de algemene reserve.
5. Huur noodaggregaat Stadhuis
Voor het Stadhuis is een noodstroomvoorziening noodzakelijk om de continuïteit van bestuur, crisisbeheersing en essentiële gemeentelijke dienstverlening tijdens langdurige stroomuitval te waarborgen.
6. Vervangingsinvesteringen inrichting gemeente locaties
De kwaliteit en continuïteit van de gemeentelijke dienstverlening vragen om een betrouwbare en toekomstbestendige werkomgeving. Op dit moment ontbreekt een structurele aanpak voor vervanging van de inrichting, waardoor achterstanden zijn ontstaan. Deze middelen voorzien in een structureel vervangingskrediet om de basis op orde te brengen en risico's voor de bedrijfsvoering te beperken.
7. Verlagen inzet 10% vrije ruimte AR - onttrekking AR
Bij de voorbereiding van de Begroting 2027 is samen met de provincie opnieuw gekeken naar de toepassing van de 10%-regeling van de Algemene Reserve. Daarbij is vastgesteld dat maximaal 10% van het daadwerkelijk beschikbare surplus van de Algemene Reserve structureel mag worden ingezet, na aftrek van het benodigde weerstandsvermogen. Hierdoor moet de eerder berekende inzet van € 1.262.000 worden gecorrigeerd. Voor 2027 wordt daarom € 300.000 uit de Algemene Reserve onttrokken, wat als structurele onttrekking mag worden beschouwd.
8. Stelpost onderuitputting kapitaallasten
Op basis van het nieuwe Gemeenschappelijk financieel toezichtkader mogen gemeenten een stelpost opnemen voor onderuitputting kapitaallasten. Op basis van deze regeling is er nu een stelpost opgenomen.
9. Indexeringen verlagen goederen en diensten 2,5% i.p.v. 3,4%
In de uitgangspunten staat dat budgetten voor goederen en diensten met 3,4% worden geïndexeerd. Dit is bijgesteld naar 2,5%. Dit sluit aan met het percentage wat gemeenten ontvangen van het Rijk in de Meicirculaire 2026 voor prijsindexering.
10. Gelijkblijvende OZB woningen (areaal 1%)
Conform de huidige systematiek houden we in de begroting jaarlijks rekening met 0,5% areaaluitbreiding. Dit percentage is in werkelijkheid 1%. Voor woningen wordt dit nu aangepast (bij niet-woningen was het al doorgevoerd). Dit leidt niet tot een verhoging van de OZB voor inwoners.
11. Afschaffen hondenbelasting vanaf 2028
In het coalitieakkoord staat opgenomen dat de hondenbelasting wordt afgeschaft. 2027 is een transformatiejaar. De afschaffing gaat in vanaf 2028.
12. Versterking financiële functie
In het coalitieakkoord staat opgenomen dat de financiële functie wordt versterkt. We gaan ervan uit dat deze vacature is ingevuld vanaf 1 april. Zodoende levert dit een mutatie op in 2027.
13. Werkbudgetten (communicatie)
Een incidentele investering is nodig voor de modernisering van de gemeentelijke communicatie, gericht op een efficiëntere werkwijze, betere digitale dienstverlening en minder inzet van traditionele communicatiemiddelen. De investering leidt op termijn tot structurele besparingen op uitvoerings- en communicatiekosten.
14. Indexeringen lonen verlagen 3,8% i.p.v. 4,1%
Op basis van de Macro Economische Verkenning (MEV) 2027 wordt als uitgangspunt gehanteerd dat de lonen met 3,8% worden geïndexeerd.
15. Verstevigen fundament organisatie
Een actualisatie van de personeelsbudgetten leidt tot een structureel voordeel van € 348.000 in 2027, oplopend tot € 362.000 in 2030. Dit voordeel ontstaat doordat in de Begroting 2026 abusievelijk een dubbele formatieplaats was opgenomen en daarnaast de totale personeelslasten te hoog waren geraamd. Het college zet vanaf 2028 een deel van dit structurele voordeel in om het fundament van de organisatie verder te versterken. Hiervoor wordt vanaf dan structureel € 293.000 beschikbaar gesteld. Op deze manier wordt Bedrijfsvoering als fundament van de organisatie gefaseerd verder versterkt. Deze middelen worden ingezet zodat bedrijfsvoering stapsgewijs kan meegroeien met de omvang van de organisatie. Zo wordt de continuïteit gegarandeerd en kan opnieuw een belangrijke ontwikkelstap worden gemaakt.
Lasten
De lasten zijn in 2027 ten opzichte van de gewijzigde Begroting 2026 afgenomen met € 1.356.000, waarvan € 395.000 is veroorzaakt door in de begroting verwerkte voorstellen uit de Onontkoombaarheden 2027, het Coalitieakkoord 2026-2030 en de mutaties zoals hierboven toegelicht.
De belangrijkste overige verschillen zijn (totaal per saldo € 961.000):
Product 023 Algemene personeelskosten (onderdeel van de overhead)
De algemene personeelskosten zijn van 2026 naar 2027 met ongeveer € 1 miljoen gestegen (van € 1.905.000 naar € 2.915.000), met name door:
- € 560.000 aan hogere lasten op de post knelpuntenpot personeel. Deze post is in 2027 € 258.000 en staat in 2026 nog € 303.000 negatief. Dit komt omdat in 2026 bij het Najaarsbericht 2026 deze post nog wijzigt, door verrekening met (salaris-) budgetten van de afdelingen
- € 200.000 aan hogere lasten op reis- en verblijfkosten. In de Begroting 2026 zijn deze per afdeling geraamd en nu centraal. Dat betekent dat deze € 200.000 over alle afdelingen heen tot lagere lasten leidt (per saldo budgettair neutraal).
- € 140.000 aan hogere lasten door autonome en nominale ontwikkelingen, met name indexering op grond van de uitgangspunten voor de Begroting 2027.
- € 70.000 aan hogere lasten voor het eens in de 5 jaar te houden personeelsfeest. Dekking komt uit de daarvoor aanwezige reserve (zit incidenteel bij onttrekkingen op product 950, per saldo budgettair neutraal).
Product 812 Erfpachtsgronden
In 2026 is een in erfpacht uitgegeven perceel is verkocht. In het Voorjaarsbericht 2026 zijn de opbrengst en het afboeken van de boekwaarde geraamd (per saldo een voordeel). Deze mutaties zijn incidenteel en in de Begroting 2027 niet meer geraamd. Hierdoor ontstaat er in de lasten een voordelig effect ten opzichte van de Begroting 2026 van € 1.771.000.
Baten
De baten zijn in 2027 ten opzichte van de gewijzigde Begroting 2026 toegenomen met € 2.889.000, waarvan een afname van € 232.000 is veroorzaakt door in de begroting verwerkte voorstellen uit de Onontkoombaarheden 2027, het Coalitieakkoord 2026-2030 en de mutaties zoals hierboven toegelicht.
De belangrijkste oorzaken van de stijging zijn (totaal € 3.121.000):
- Toename algemene uitkering gemeentefonds met € 5.402.000 vanwege met name de mutatie vanuit de Meicirculaire 2026.
- Toename onroerende zaakbelasting door indexering en (correctie) areaaluitbreiding voor in totaal € 642.000. In het coalitieakkoord is de indexatie OZB voor woningen weer teruggedraaid en zodoende komt de stijging per saldo uit op € 382.000.
- Afname grondverkopen erfpachtgronden met € 3.170.000, zie toelichting hierboven.
- Diverse kleine toenames van in totaal € 247.000.
Reserves
Verschillen op reserves komen door het wegvallen van diverse onttrekkingen ten opzichte van de gewijzigde Begroting 2026 van in totaal € 959.000 nadelig.