Paragraaf 1. Lokale heffingen

Lokale heffingen

Terug naar navigatie - Paragraaf 1. Lokale heffingen - Lokale heffingen

Inleiding

Lokale heffingen zijn een belangrijke bron van inkomsten voor de gemeente. Ze maken deel uit van het gemeentelijk beleid en zorgen ervoor dat de gemeente haar taken kan uitvoeren. Lokale heffingen bestaan uit drie soorten:
•    belastingen, zoals de Onroerendezaakbelasting (OZB) en toeristenbelasting;
•    bestemmingsheffingen, zoals de rioolheffing en afvalstoffenheffing;
•    rechten, zoals leges (bijvoorbeeld voor een paspoort of vergunning) en begraafrechten.
Deze inkomsten worden gebruikt om de kosten van gemeentelijke diensten en voorzieningen te betalen.

1. Beleid ten aanzien van lokale heffingen
Het belastingbeleid in Waalwijk baseren we op twee uitgangspunten: ten hoogste een kostendekkendheid voor de rechten en daarnaast, op grond van de Uitgangspunten voor de begroting, een inflatiecorrectie voor de belastingtarieven.

Onroerende Zaakbelastingen (OZB)
De waarde van het onroerend goed, die jaarlijks wordt vastgesteld (de zogenoemde herwaardering) vormt de grondslag voor de heffing van OZB.  De WOZ-waarden (op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken) voor het belastingjaar 2027 worden gebaseerd op het prijspeil 1 januari 2026. Deze waarden zijn in november 2026 voor ons bekend, zodat we de tarieven hierop af kunnen stemmen. Door deze vaststelling naar achteren te schuiven, wordt het tarief voor de OZB nauwkeuriger, waardoor de baten meer in lijn liggen met de begroting. Echter blijft de begroting een raming en zijn er diverse factoren van invloed op de OZB. Immers, als de areaaluitbreiding groter is dan begroot gaat het tarief naar beneden en gaan de werkelijke baten van de OZB meer afwijken dan begroot. In 2027 rekenen we met 1% areaaluitbreiding.

Conform de afspraken uit het coalitieakkoord passen we geen inflatiecorrectie toe op de Onroerende Zaakbelasting 2027. 

Hondenbelasting
De hondenbelasting werd in 2026 geheven door 102 van de 342 gemeenten. In Waalwijk kennen we deze belasting op het houden van honden ook. De houder van de hond is de belastingplichtige. Het aantal honden bepaalt de opbrengst van de belasting. Deze hondenbelasting is enigszins regulerend, omdat we het hebben van meerdere honden zwaarder belasten dan het hebben van een enkele hond. De begrootte opbrengst betreft een raming gebaseerd op eerdere cijfers. De definitieve opbrengst is afhankelijke van de toe-of afname van het aantal honden. 

Tarieven en dus opbrengst stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

De hondenbelasting wordt m.i.v. de Begroting 2028 afgeschaft.

Verblijfsbelasting
We heffen een belasting voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding door personen die niet in zijn geschreven in de gemeente Waalwijk. Diegene die onderdak biedt is belastingplichtig. Doorgaans is dat de eigenaar van het hotel, hostel, B&B e.d. Ook AirBnB adressen vallen onder deze belastingplicht.

In de beleidsnotitie arbeidsmigratie Waalwijk 2018 (december 2018) is besloten dat de gemeente Waalwijk actief regie gaat voeren op het proces van participatie en integratie van arbeidsmigranten. Een toegestane wettelijke grondslag om extra inkomsten te verwerven kan via het heffen van verblijfsbelasting. Vanaf belastingjaar 2020 is de Verordening toeristenbelasting vervangen door de Verordening verblijfsbelasting. Hierdoor kan nu de directe verblijfsbelasting geheven worden voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als inwoner van de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. De heffing geldt, naast de hotels, hostels, B&B's en AirBnB's, ook voor alle adressen waar kamergewijze verhuur plaats vindt aan arbeidsmigranten. Verblijfsbelasting is een belasting op aangifte. Het doel van de overnachting (toeristisch of beroeps- / bedrijfsmatig) bepaalt het tarief.

De tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting. 

Precariobelasting
De gemeente heft precariobelasting voor het hebben van voorwerpen op, boven en onder gemeentegrond. De opbrengst wordt grotendeels bepaald door het aantal reclamevoorwerpen op of boven gemeentegrond en door terrassen op gemeentegrond. Daarnaast heffen we de precariobelasting voor (commerciële) evenementen welke op gemeentegrond worden gehouden en heffen we belasting op het hebben van bouwmaterialen op gemeentegrond, zoals bijvoorbeeld bouwcontainers, steigers.

Tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

Parkeerbelasting
Met de parkeerbelasting wordt het parkeergedrag van bewoners of bezoekers van de gemeente gereguleerd. In de praktijk zijn er 2 vormen:
• een belasting voor het daadwerkelijke parkeren op daarvoor aangewezen plaatsen;
• en een belasting voor een vergunning om te parkeren op daarvoor aangewezen plaatsen.
De parkeerbelasting heffen we voor het parkeren op straat. Voor het parkeren op openbare terreinen (slagboomparkeren) kennen we privaatrechtelijke parkeertarieven.

Op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting wordt voorgesteld de parkeertarieven met 3,4% te laten stijgen. Vanwege afronding leidt dit voor parkeerapparatuur (parkeermeters, parkeerautomaten) niet tot een verhoging van de tarieven.

Forensenbelasting
Forensenbelasting wordt geheven van personen die niet staan ingeschreven in de gemeente Waalwijk, maar wel meer dan negentig dagen per jaar een gemeubileerde woning tot hun beschikking hebben. De belasting wordt geheven om de voorzieningen waarvan deze forensen gebruik maken te financieren.

Tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

BIZ (Bedrijveninvesteringszone) als opvolger van de reclamebelasting
In september 2021 heeft de raad ingestemd met de invoering van de BedrijvenInvesteringsZone (BIZ). Vanaf belastingjaar 2022 is de Verordening reclamebelasting vervangen door de Verordening Bedrijveninvesteringszone. Vanaf 2027 gaat er een nieuwe verordening van kracht, waarbij er begin 2027 een nieuwe draagvlakmeting wordt uitgevoerd. 

Centrumgebied Waalwijk 2027-2031 .

Deze heffing is vergelijkbaar met de eerdere reclamebelasting, maar kan van zowel eigenaren als gebruikers worden geheven. Daarnaast kennen we voor deze heffing andere tarieven. Het centrummanagement beheert de netto-baten die uit de belasting voortvloeien voor promotie en aankleding van het centrum. 

 

2. Beleid ten aanzien van gemeentelijke rechten (bestemmingsheffingen en retributies)
Onder de naam rechten heft de gemeente tarieven voor diverse typen gemeentelijke dienstverlening. Bij rechten is sprake van een directe relatie tussen de heffing en de gemeentelijke taak. De geraamde opbrengsten mogen niet hoger zijn dan de geraamde kosten van de gemeente voor uitoefening van de taak. Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of degene voor wie de dienst is verleend. De tarieven voor gemeentelijke rechten worden (voor zover de tarieven niet aan een wettelijk maximum zijn verbonden) jaarlijks aangepast met een inflatiecorrectie, zoals die in de Uitgangspunten voor de begroting door de raad is vastgesteld (2027 = 3,4%).

Rioolheffing
De kosten die de gemeente maakt als uitvloeisel van de watertaken worden verhaald op burgers en bedrijven via een zogenaamde rioolheffing. In 2009 is de nieuwe rioolheffing ingevoerd op basis van de Wet verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken. De lasten die uit die watertaken voortvloeien (op het gebied van afvalwaterinzameling, afvalwatertransport en afvoer van overtollig regen- en grondwater maar ook klimaatverandering en toenemende verharding) zijn berekend in het Integraal Waterplan Waalwijk 2025-2027  (IWW) dat door de raad is vastgesteld in de openbare raadvergadering van 27 juni 2024. Op basis van het IWW (+3%) en indexering Uitgangspunten voor de begroting (+3,4%) zijn de tarieven berekend. Ook dit blijft een raming, omdat er diverse factoren van invloed zijn op de baten, zoals het aantal aansluitingen. 

Afvalstoffenheffing
Onder de naam afvalstoffenheffing wordt een heffing geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel, waarvoor de gemeente op grond van de Wet milieubeheer, een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen heeft. In 2016 is een nieuw afvalbeleidsplan opgesteld. Op basis van dit beleidsplan zijn de lasten berekend en zijn de tarieven vastgesteld.  De afgelopen jaren hebben we de inzamelfrequentie veranderd en is als gevolg van betere afvalscheiding de aangeboden hoeveelheid restafval afgenomen. Op 17 september 2024 heeft de gemeenteraad het Grondstoffenbeleidsplan stap 2 vastgesteld. Op basis van de Uitgangspunten voor de begroting (+3,4%) zijn de tarieven berekend. Ook voor deze vorm van heffing geldt dat de begrote baten een raming betreffen, omdat ook deze heffing van diverse factoren afhankelijk is. 

Reinigingsrecht
Naast de verplichte vuilinzameling voor woningen zamelen we ook afval van bedrijven en instellingen in. Bedrijven en instellingen gaan hiervoor een contract aan met de gemeente. Hiervoor wordt een reinigingsrecht betaald. Het is een landelijke trend dat landelijke winkelketens gezamenlijke landelijke aanbestedingen doen bij afvalverwerkers, waardoor bij de individuele gemeentes het aantal contracten daalt. Ook bij ons is het aantal contracten de afgelopen jaren afgenomen, waardoor de baten elk jaar verder dalen.

Tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

Leges
Onder de naam leges heffen we rechten voor door ons verstrekte diensten. Hierbij maken we onderscheid tussen leges algemene dienstverlening  (hoofdstuk 1), leges voor diensten fysieke leefomgeving (hoofdstuk 2) en leges Europese dienstenrichtlijn (hoofdstuk 3). 

Leges kennen een vorm van kruissubsidiëring. Dit houdt het in dat we van alle legestarieven enkele diensten hoger prijzen om zo andere diensten tegen een lagere prijs te kunnen aanbieden. Immers, wettelijk vastgestelde maximumtarieven zijn zelden kostendekkend. 

Grafrechten
Onder de naam grafrechten heffen we rechten voor het gebruik van de begraafplaats en voor het verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Diegene die de dienst aanvraagt betaalt de rechten. De rechten zijn niet kostendekkend.  Er wordt tegenwoordig minder begraven dan vroeger. Dit leid t tot minder inkomsten. Een meer kostendekkend tarief zal naar verwachting leiden tot een verdere afname van het aantal begrafenissen.

Op 17 september 2024 heeft de gemeenteraad het voorstel Verharding paden begraafplaatsen en drie beheermaatregelen t.b.v. de begraafplaatsen vastgesteld. Hiermee is ingestemd met het uitwerken van drie beheermaatregelen met als doel om te komen tot hogere kostendekkendheid van het product  'begraven' en een geactualiseerde 'Verordening Grafrechten' in 2025.

Komend jaar (2027) worden de tarieven in de Verordening grafrechten 2027 alleen verhoogd met het algemene indexatiepercentage van 3,4%. In 2026 is een eerste kostendekkendheidsonderzoek uitgevoerd door een extern gespecialiseerde partij. Hieruit blijkt dat het op korte termijn niet haalbaar is om de beoogde ombuiging van € 200.000 te realiseren, zoals oorspronkelijk opgenomen in het ombuigingsvoorstel. Mogelijke opties worden verder uitgewerkt; afhankelijk van het financiële effect van mogelijke beheersmaatregelen komen we later bij u terug met aanvullende voorstellen. 

Havengeld
Onder de naam havengeld worden rechten geheven voor het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeentewateren of van andere voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen, die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente. Havengeld rechten worden geheven van de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, degene die het schip heeft gecharterd of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. Het havengeld is niet kostendekkend om te voorkomen dat de gemeente zich uit de markt prijst.

Tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

Marktgelden
Onder de naam marktgelden worden rechten geheven voor het gebruik of genot van een standplaats op de daarvoor aangewezen marktterreinen of op andere voor de openbare dienst bestemde plaatsen voor het uitoefenen van de markthandel en daarmee verband houdende handelingen en/of het gebruik van verstrekte hulpmiddelen. Marktgeld wordt geheven van de vergunninghouder c.q. aan wie incidenteel toestemming is verleend om extra ruimte in te nemen. De tarieven zijn niet kostendekkend.  De afgelopen jaren was het een trend dat het aantal standplaatshouders afnam. Naar aanleiding van een onderzoek naar het verplaatsen van de weekmarkt in Waalwijk is deze begin juli 2019 verplaatst naar het Raadhuisplein / Markt.

Tarieven en dus baten stijgen met 3,4% op basis van de indexering uit de Uitgangspunten voor de begroting.

3. Belastingdruk

In vergelijkende overzichten van gemeenten in Nederland wordt vaak de lokale lastendruk van een gemiddelde woning als maatstaf genomen. Jaarlijks stelt het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) de ‘Atlas van de lokale lasten' op en geeft hiermee inzicht in de ontwikkeling van de lokale lastendruk. De gemeente Waalwijk staat voor 'de netto woonlasten voor een meerpersoonshuishouden' in 2026 op plaats 18 van de gemeenten in Nederland.

De onderstaande tabel toont de woonlasten over het voorgaande jaar voor een meerpersoonshuishouden, zoals berekend door het COELO. De totale woonlasten berekend door het COELO zijn exclusief hondenbelasting.

Overzicht woonlasten 2026 (bedragen in €)

Waalwijk

Heusden Oosterhout Loon op Zand Dongen
Totale woonlasten meerpersoonshuishoudens € 885 € 977 € 974 € 1.330 € 1.056
Plaats op ranglijst 18 71 69 310 150
Tarief OZB eigenaar woning (in %) 0,0794

0,0820

0,0781 0,1532 0,0964
Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden € 278 € 244 € 302 € 331 € 367

In het onderstaande overzicht tonen we de ontwikkeling van de lokale lasten in Waalwijk. De woonlasten zijn berekend door het COELO en gelden voor een meerpersoonshuishouden.  De gemiddelde woonlasten stijgen met 2,6% ten opzichte van de lasten van 2026 en komen uit op € 908 voor een meerpersoonshuishouden.

Ontwikkeling woonlasten 2024 2025 2026 2027
OZB (Gemiddeld betaalde ozb woningen) € 378 € 390 € 390 € 390
Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden € 237 € 246 € 278 € 287
Rioolheffing meerpersoonshuishouden € 189 € 202 € 217 € 231
Woonlasten meerpersoonshuishouden € 804 € 838 € 885 € 908
Positie ranglijst 20 13 18 Onbekend

4. Kwijtscheldingsbeleid
In het gemeentelijke kwijtscheldingsbeleid bepalen we belastingen waarvan kwijtschelding mogelijk is en de voorwaarden waaronder de kwijtscheldingsprocedure plaatsvindt. Hierbij zijn we gebonden aan landelijk voorgeschreven regels van de staatssecretaris van Financiën. Deze regels komen erop neer dat alleen inwoners met een inkomen tot ongeveer bijstandsniveau en zonder vermogen voor kwijtschelding in aanmerking komen.  We hebben ten aanzien van kwijtschelding een aantal beleidskeuzes vastgesteld. Deze beleidskeuzes hebben we opgenomen in de leidraad invordering en de daarop betrekking hebbende belastingverordeningen. Ons kwijtscheldingsbeleid is in overeenstemming met de richtlijnen die door het Rijk zijn opgesteld. 

5. Samenvatting
We kennen de onderstaande belastingen, heffingen en retributies. Per soort hebben we een tarief voor 2026 en 2027 opgenomen. Indien een belastingsoort tariefdifferentiatie kent, is het meest voorkomende tarief opgenomen. Door de grote diversiteit aan leges, marktgelden, precariobelasting, parkeerbelasting, grafrechten en haven- en kadegelden zijn voor deze categorieën geen tarieven opgenomen. De gedetailleerde tarieven zijn opgenomen in de verordeningen. Daarnaast zijn per belastingsoort de geraamde baten opgenomen. Voor de verschillende bestemmingsheffingen en retributies zijn ook de lasten opgenomen. Daarbij is ook aangegeven wat de kosten van overhead en overige toe te rekenen lasten zijn.

Belasting (per product) Tarief 2026 Tarief 2027 Geraamde baten in 2027 (x  € 1.000)
OZB eigenaren woningen 0,0794 % n.t.b. * 7.703
OZB eigenaren niet-woningen 0,2295 % n.t.b. * 5.488
OZB gebruik niet-woningen 0,1640 % n.t.b. * 3.576
Hondenbelasting € 60,75 € 62,85 269
Forensenbelasting € 566,80 € 586,05 15
Parkeerbelasting - - 1.370
Precariobelasting - - 123
Verblijfsbelasting € 2,39 - 641

Onderstaande tabel nog volledig updaten:

Rechten (bestemmingsheffingen en retributies) Tarief 2026 Tarief 2027 Geraamde baten 2027 (x €) 1.000 Lasten 2027 (x  €) 1.000 Overhead en overige toe te rekenen kosten 2027 (x € 1.000) Dekkingspercentage
Rioolheffing eigenaar € 164,55 € 175,25 4.257 3.799 2.239 100%
Rioolheffing gebruik € 52,85 € 56,30 1.781

Afvalstoffenheffing

€ 197,95 € 204,70 5.878 3.991 2..017 100%
Reinigingsrecht € 408,75 € 422,65 130
Grafrechten - - 619 642 328 64%
Haven- en kadegelden - - 194 1.085 194 15%
Marktgelden - - 35 60 31 38%
Leges algemene dienstverlening -  -        
Leges fysieke leefomgeving (bouw/omgeving) - -        
Leges Europese dienstenrichtlijn -  -        

* Op basis van de totale WOZ-waarde binnen de gemeente, worden de OZB-tarieven voor 2027 bepaald. De totale WOZ-waarde voor het berekenen van de OZB-tarieven is ten tijde van het opstellen van de begroting nog niet bekend. Afhankelijk van de totale nieuwe WOZ-waarde worden in de raadsvergadering van december 2026 de definitieve tarieven OZB voor 2027 vastgesteld.

** Het kostendekkendheidspercentage van de leges wordt gepresenteerd bij de vaststelling van de legesverordening. Er wordt dan een gedetailleerde berekening opgesteld op basis van normtijden en het verwachte aantal aanvragen.