Paragraaf 2. Weerstandsvermogen en Risicobeheersing

Weerstandsvermogen

Netto schuldquote

Terug naar navigatie - Netto schuldquote

Financiële kengetallen

In de financiële voorschriften worden een vijftal specifieke kengetallen voorgeschreven. Deze kengetallen geven inzicht in de financiële positie en exploitatieruimte van de gemeente.
In onderstaande tabellen zijn de financiële kengetallen van de gemeente opgenomen. De risicotabel geeft inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de gemeente. In de tabellen worden ook de kengetallen van het meerjarig perspectief opgenomen. De meerjarige trend geeft aan of de financiële positie van de gemeente in de komende jaren verbetert of juist verslechtert.

Verklaring van de kengetallen

Netto schuldquote
Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van het totaal van de baten. Het geeft hiermee een indicatie van het beslag dat de financieringslasten op de exploitatie legt. 
Er worden twee kengetallen weergegeven. Eén gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen en één zonder deze correctie. Hierdoor ontstaat meer inzicht in de schuldenlast.
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote.

Solvabiliteitsratio
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en de totale balansvorming.
Hoe hoger het percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente.


Grondexploitatie
Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie is ten opzichte van de totale baten.
Hoe lager dit percentage, hoe beter.


Structurele exploitatieruimte
In dit kengetal komt tot uitdrukking in hoeverre de gemeente over voldoende structurele baten beschikt om de structurele lasten te dekken.
Bij een positieve stand betekent dit dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Een percentage rond de nul betekent dat deze in evenwicht zijn. Bij een negatief percentage is er sprake van onvoldoende ruimte.


Belastingcapaciteit

Dit kengetal geeft inzicht in hoe de woonlasten voor een gezin met een gemiddelde WOZ-waarde in de gemeente verhouden tot de landelijk gemiddelde woonlasten van een gezin. Dit kengetal geeft niet weer in hoeverre de gemeente nog ruimte heeft om de belastingen te verhogen. Daarvoor dient nagegaan te worden in hoeverre de riool- en afvalstoffenheffing kostendekkend zijn en hoe het OZB tarief van de gemeente zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde.

Netto Schuldquote Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
2022 2023 2024 2025 2026 2027
A Vaste schulden (cf. art 46 BBV) 114.931 149.931 161.316 152.426 197.436 183.515
B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV) 21.298 13.000 21.849 21.149 21.354 21.014
C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV) 16.266 15.500 17.000 17.000 17.000 17.000
Totaal 152.495 178.431 200.165 190.575 235.790 221.529
D Financiƫle activa (cf. art. 36 lid d,e en f) 0 0 0 0 0 0
E Uitzettingen < 1 jaar (cf. art. 39 BBV) 10.135 6.000 4.000 4.000 4.000 4.000
F Liquide middelen (cf. art. 40 BBV) 963 140 500 500 500 500
G Overlopende activa (cf. art 40a BBV) 10.312 4.600 4.000 4.000 4.000 4.000
Totaal 21.410 10.740 8.500 8.500 8.500 8.500
H Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV excl. mutaties reserves) 168.975 178.561 185.531 206.218 161.231 159.616
Netto Schuldquote
(A+B+C-D-E-F-G)/H x 100% 78% 94% 103% 88% 141% 133%
Netto Schuldquote Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
Gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2022 2023 2024 2025 2026 2027
A Vaste schulden (cf. art 46 BBV) 114.931 149.931 161.316 152.426 197.436 183.515
B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV) 21.298 13.000 21.849 21.149 21.354 21.014
C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV) 16.266 15.500 17.000 17.000 17.000 17.000
Totaal 152.495 178.431 200.165 190.575 235.790 221.529
D Financiƫle activa (cf. art. 36 lid b,c,d,e en f) 23.076 23.081 22.675 22.675 22.675 22.675
E Uitzettingen < 1 jaar (cf. art. 39 BBV) 10.135 6.000 4.000 4.000 4.000 4.000
F Liquide middelen (cf. art. 40 BBV) 963 140 500 500 500 500
G Overlopende activa (cf. art 40a BBV) 10.312 4.600 4.000 4.000 4.000 4.000
Totaal 44.486 33.821 31.175 31.175 31.175 31.175
H Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (excl. mutaties reserves) 168.975 178.561 185.531 206.218 161.231 159.616
Netto Schuldquote gecorrigeerd
(A+B+C-D-E-F-G)/H x 100% 64% 81% 91% 77% 127% 119%
Solvabiliteitsratio Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
2022 2023 2024 2025 2026 2027
A Totaal eigen vermogen 116.941 99.154 102.080 99.340 97.284 95.711
B Totaal van de passiva 278.759 287.752 313.818 301.934 345.378 329.827
Netto Schuldquote gecorrigeerd
A/B x 100% 42% 34% 33% 33% 28% 29%
Grondexploitaties Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
2022 2023 2024 2025 2026 2027
A Totaal van de activa van de niet in exploitatie genomen bouwgronden 0 0 0 0 0 0
B Totaal van de activa van de in exploitatie genomen bouwgronden 4.774 17.460 4.848 -22.246 4.826 -313
C Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (excl. mutaties reserves) 168.975 178.561 185.531 206.218 161.231 159.616
Grondexploitatie
(A/B)/C x 100% 3% 10% 3% -11% 3% 0%
Structurele begrotingsruimte Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
2022 2023 2024 2025 2026 2027
A Structurele lasten 149.166 142.274 159.435 158.630 160.259 159.203
B Structurele baten 159.060 144.648 159.021 160.653 152.097 150.331
Totaal B-A 9.894 2.374 -414 2.023 -8.162 -8.872
C Structurele toevoegingen 0 709 151 849 874 874
D Structurele onttrekkingen 829 430 1.884 1.848 1.587 1.587
Totaal D-C 829 -279 1.733 999 713 713
E Totaal Baten 168.975 178.561 185.531 206.218 161.231 159.616
Structurele begrotingsruimten
((B-A)+(D-C))/(E) x 100% 6,35 1,17 0,71 1,5 -4,6 -5,1
Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit in %:Belastingcapaciteit (E/F) x 100% Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting
2022 2023 2024 2025 2026 2027
A OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde 338 365 383 383 383 383
B Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde 163 175 190 190 190 190
C Afvalstoffenheffing voor een gezin (conform begrotingen AVRI) 229 232 244 244 244 244
D Eventuele heffingskorting voor een gezin 0 0 0 0 0 0
E Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (A+B+C-D) 730 772 817 817 817 817
F Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in het voorafgaande begrotingsjaar 929 944 944 944 944 944
Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit in %: 79% 82% 87% 87% 87% 87%
Belastingcapaciteit (E/F) x 100%
gemiddelde woz waarde 2023 342.000
bron CBS

Risicotabel

Terug naar navigatie - Risicotabel

Toelichting


De kengetallen in de risicotabel geven een oordeel over de financiële situatie van de gemeente. Op basis van de normen die ook bij andere gemeenten worden gehanteerd blijkt dat de gemeente financieel gezond is. In het meerjarig perspectief nemen weliswaar de investeringen en de leningen toe, waardoor de netto schuldquote (zonder correctie verstrekte leningen) iets boven de norm van 130 procent uitkomt. Echter op dit moment is nog niet zeker in hoeverre de voorgestelde investeringen gezien de economische ontwikkelingen gerealiseerd gaan worden. Daarbij speelt mee in hoeverre in het meerjarig perspectief financiering met eigen middelen kan plaatsvinden waardoor het aantrekken van geldleningen beperkt blijft. Het achterblijven van de investeringen zal van invloed zijn op het aantrekken van financiële middelen en de ontwikkelingen binnen de netto schuldquote. De netto schuldquote is hierdoor nog onderhevig aan de komende ontwikkelingen, waarbij de stand van dit kengetal nog zal fluctueren.

Kengetal Signaleringswaarden* Signaleringswaarden
minst risicovol neutraal meest risicovol Rekening Begroting Begroting Begroting
2022 2022 2023 2024
Netto schuldquote <90% 90-130% >130% 78% 115% 94% 103%
Netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen <90% 90-130% >130% 64% 100% 81% 91%
Solvabiliteitsratio >50% 20-50% <20% 42% 32% 34% 33%
Grondexploitatie <20% 20-35% >35% 3% 9% 10% 3%
Structurele exploitatieruimte >0% 0% <0% 6% 3% 1% 1%
Belastingcapaciteit <95% 95-105% >105% 79% 81% 82% 87%
*De signaleringswaarden zijn normen die ook worden gebruikt bij andere gemeenten
Kengetal Signaleringswaarden* Signaleringswaarden
minst risicovol neutraal meest risicovol Begroting Begroting Begroting
2025 2026 2027
Netto schuldquote <90% 90-130% >130% 88% 141% 133%
Netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen <90% 90-130% >130% 77% 127% 119%
Solvabiliteitsratio >50% 20-50% <20% 33% 28% 29%
Grondexploitatie <20% 20-35% >35% -11% 3% 0%
Structurele exploitatieruimte >0% 0% <0% 1% -5% -5%
Belastingcapaciteit <95% 95-105% >105% 87% 87% 87%
*De signaleringswaarden zijn normen die ook worden gebruikt bij andere gemeenten

Weerstandsvermogen

Terug naar navigatie - Weerstandsvermogen

Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen van een gemeente kan worden omschreven als de mate waarin een gemeente in staat is financiële tegenvallers (risico’s) op te vangen teneinde haar taken te kunnen voortzetten. Het weerstandsvermogen geeft de mate van robuustheid van de financiële huishouding weer. Dit is van belang als zich een financiële tegenvaller voordoet. Door aandacht te hebben voor het weerstandsvermogen kan worden voorkomen dat elke financiële tegenvaller dwingt tot bezuinigen. Voor het beoordelen van de robuustheid van de begroting is inzicht nodig in de omvang en in de achtergronden van de risico’s en de aanwezige weerstandscapaciteit.

Weerstandscapaciteit
De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten die onverwachts en substantieel zijn te kunnen dekken. Het gaat om die elementen waarmee tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden zoals de algemene reserve, maar ook de onbenutte belastingcapaciteit. Onderscheid kan worden gemaakt in incidentele (ten behoeve van opvang eenmalige tegenvallers) en structurele (ten behoeve van structurele tegenvallers) weerstandscapaciteit.

Op grond van de nu bekende gegevens kan het volgende overzicht worden gegeven:

bedragen per januari 2024 (x € 1.000)

Weerstandscapaciteit Incidenteel Structureel
     
Reservecapaciteit    
Algemene reserve (alle voorziene meerjarenonttrekkingen zijn reeds in mindering gebracht) virtuele stand per 15-9-2023 26.723.183  
AR grondexploitatie 5.000.000  
Totaal reserve capaciteit 31.723.183  
     
Onbenutte belastingcapaciteit   15.281.000
Onroerende zaakbelastingen (100% verhoging)    
Onvoorzien         100.000
Totaal weerstandscapaciteit 31.723.183 15.381.000


Per  januari 2024 bedraagt de totale weerstandscapaciteit  €  47.004.183   (= € 31.723.183   + € 15.381.000 ).

De norm voor de onbenutte belastingcapaciteit is gebaseerd op de norm die het Rijk stelt voor gemeenten die in aanmerking willen komen voor een bijdrage op grond van artikel 12 Financiële Verhoudingswet. 

De bepaling van de ratio is gebaseerd op een theoretisch model waarbij er vanuit wordt gegaan dat alle risico’s gelijktijdig en volledig manifest worden en dat is niet zo, per risico is een percentage aangegeven dat als schade wordt meegenomen voor de berekening van de ratio. De 100% OZB verhoging past overigens in dit zelfde theoretische kader.

De Algemene Reserve en de Algemene Reserve Grondexploitatie dienen feitelijk een geblokkeerd gedeelte te bevatten om het totaal van de risico’s in de categorie “waarschijnlijk 1 maal per 5 jaar” te kunnen opvangen, thans €  6 miljoen. Indien een risico manifest wordt en er moet worden afgerekend dan moet de Algemene Reserve of Algemene Reserve Grondexploitatie onmiddellijk worden aangewend en daarmee kan de ratio onder druk komen te staan, immers de OZB verhoging en het beschikbaar komen van de hogere opbrengst zal altijd enige tijd duren. Hierbij moet wel worden aangetekend dat het uitzonderlijk zou zijn als alle risico's in categorie A op hetzelfde moment manifest worden.

Stille reserves

In het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader 2020 van de provincies is m.b.t. stille reserves in relatie tot het weerstandsvermogen  het navolgende opgenomen:

1.       Stille reserves nemen wij alleen mee als de actuele marktwaarde reëel is onderbouwd.
2.       Daarnaast geldt als uitgangspunt dat de stille reserve geen gebruiksnut heeft voor de gemeenten en dat deze op korte termijn beschikbaar kan komen.

Gelet op het bovenstaande maken de stille reserves met ingang van 2020 geen onderdeel meer uit van het weerstandsvermogen. 

Bovenstaande berekening van de weerstandscapaciteit is uiteraard een momentopname. De genoemde bedragen kunnen van jaar tot jaar fluctueren. Voor de afdekking van risico’s heeft de gemeenteraad normen vastgelegd voor de noodzakelijke omvang van de Algemene Reserve.

De bekende risico’s die betrekking hebben op de bouwgrondexploitatie zijn ook meegenomen bij de weerstandscapaciteit. De Algemene Reserve Grondexploitatie van € 5 miljoen maakt onderdeel uit van de weerstandscapaciteit. Tevens vindt jaarlijks door middel van de nota grondexploitatie herijking plaats van de bouwgrondexploitatie en worden verliezen genomen en voorzieningen getroffen indien redelijkerwijs mag worden aangenomen dat t.z.t. een verlies manifest zal worden.

Risico’s
In het BBV wordt een toelichting gegeven op de risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen.

De risico’s relevant voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet anderszins zijn ondervangen. Reguliere risico’s – risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn – maken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen. Hiervoor kunnen immers verzekeringen worden afgesloten of voorzieningen worden gevormd. Voorbeelden van risico’s die wel tot de paragraaf weerstandsvermogen horen zijn ondernemersrisico’s (of bedrijfsrisico’s) en hangen vooral samen met grondexploitatie, gebiedsuitbreiding, publiek – private samenwerking (PPS), sociale structuur (bij neergaande conjunctuur) en open einderegelingen.

Risicomatrix begroting 2024
Bij zowel begroting als bij de jaarrekening wordt een risicomatrix opgesteld. De risicomatrix is een instrument dat systematisch inzicht geeft in de categorisering van aanwezige risico’s.

Teneinde het risicomanagement te borgen, wordt sinds 2013 bij het opstellen van het interne controleplan per te controleren proces een risicoanalyse gemaakt en deze analyse wordt gehanteerd bij de uitvoering van de interne controle.

Zoveel als mogelijk zijn de risico’s in beeld gebracht en is inzichtelijk gemaakt in welke mate deze risico’s beheerst worden. Nadere acties blijven nodig om tot verdere risicobeheersing te komen. Aan de hand van de begroting en rekening zijn per beleidsveld de meest essentiële risicoterreinen aangegeven en geplaatst in de risicomatrix. In de bijlage is een integraal overzicht opgenomen van alle geïdentificeerde risico's, via de link zijn alle kaarten in te zien, risicokaarten

Top 10 risico's

Hieronder is schematisch weergeven wat de grootste risico's zijn voor de gemeente Waalwijk.

Kaart

Omschrijving risico

Maximaal risico

Percentage verwacht risico

Risico relevant voor ratio

14

Risico's bestemmingsplannen en bouwgrondexploitatie

€ 2.500.000

80%

€ 2.000.000

14

Risico's bestemmingsplannen en bouwgrondexploitatie

€ 2.500.000

60%

€ 1.500.000

15

Erfpachtcanon

€ 1.000.000

60%

€ 600.000

16

Garanties sportverenigingen/rechtspersonen maatschappelijkvlak

€ 2.500.000

40%

€ 1.000.000

17

Verzekeringen

€ 1.000.000

60%

€ 600.000

17

Verzekeringen

€ 2.500.000

40%

€ 1.000.000

19

Renterisico en liquiditeitsrisico

€ 1.000.000

60%

€ 600.000

21

Zijn we goed voorbereid op een calamiteit/pandemie

€ 1.000.000

60%

€ 600.000

23

Jeugdzorg

€ 1.000.000

80%

€ 800.000

25

Participatie

€ 1.000.000

80%

€ 800.000

32

Materiële vaste activa Haven Acht Oost

€ 1.000.000

60%

€ 600.000

33

Schade door cyberincident

€ 1.000.000

80%

€ 800.000

 

  € 18.000.000   € 10.900.000

 

Toename risico’s

Kaart 19 Renterisico en liquiditeitsrisico

Het risico is verhoogd van € 100.000 naar € 1.000.000. De verhoging vloeit voort uit de stijgende rente op de kapitaalmarkt.

Afname risico’s

Geen mutaties.

Beoordeling beschikbare weerstandsvermogen
Met onderstaande ratio kan een norm gesteld worden voor een aanvaardbare relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de risico’s.

                         Beschikbare weerstandscapaciteit

Ratio =           ---- -------------------------------------

                          Benodigde weerstandscapaciteit

Een ratio voor het weerstandsvermogen van 1,0 tot 1,4 wordt voldoende geacht. Een ratio van 0,8 tot 1,0 wordt als matig bestempeld, terwijl een ratio boven 1,4 aangemerkt wordt als ruim voldoende en boven de 2,0 is uitstekend.

Het benodigde weerstandsvermogen kan als volgt berekend worden:

Risicoklasse

Kans op schade

Aantal geïnventariseerde schades

Maximale omvang max. totale schade

Percentage meegenomen

waarschijnlijk

1 X per  5 jaar

Schades 11

€ 7,6 miljoen

80% € 6,1miljoen

mogelijk

1 X per 10 jaar

Schades 20

€ 11,4 miljoen

60% € 6,8 miljoen

onwaarschijnlijk

1 X per 15 jaar

Schades 17

€ 6,5 miljoen

40% € 2,6 miljoen

onbekend

1 X per 10 jaar

Schades 11

€ 5,3 miljoen

20 % € 1,1 miljoen

 

 

 

 

€ 30,8  miljoen

€ 16,6 miljoen

 

                                €   47.004.183

Ratio                         ---------------         =  2,83 uitstekend

                                €  16.600.000

Voor de gemeente Waalwijk bedraagt de ratio voor het weerstandsvermogen derhalve 2,83  en is daarmee te kwalificeren als uitstekend.

Met betrekking tot de ratio van 2,83  moet wel de kanttekening worden geplaatst dat rekening is gehouden met 100% verhoging van de OZB (€ 15.281.000 ) wordt die buiten beschouwing gelaten dan zakt de ratio naar 1,91  en is dan dus ook nog ruim voldoende . Ook hier moet worden aangetekend dat niet alle risico's op hetzelfde moment manifest zullen worden.

Ontwikkeling van de weerstandsratio

De ratio kan worden beïnvloed door toe- en afname van het aantal risico's en dat geldt ook voor het weerstandsvermogen. 

Het meerjarenbeeld geeft geen aanleiding tot aanscherping van beleid. Het continu monitoren van risico's blijft uiteraard noodzakelijk.