4. Majeure projecten

Insteekhaven

Insteekhaven

Terug naar navigatie - Insteekhaven - Insteekhaven

Met ingang van het Najaarsbericht 2024 wordt de rapportage over de voortgang van het project insteekhaven voortaan opgenomen in het Voor- en Najaarsbericht (voorheen gebeurde dat door middel van kwartaalrapportages). 
Hieronder wordt voor het project insteekhaven per onderdeel van de GROTIK-methode een nadere toelichting gegeven.

Geld
Voor het nog nader te bepalen uitvoeringstraject dat we ingaan zal het door de raad beschikbaar gestelde krediet (raadsvergadering 12 september 2019) voor de aanleg van de insteekhaven en de vastgestelde exploitatieopzet voor de uit te geven gronden het uitgangspunt zijn. In het raadsvoorstel is uitgegaan van een uitsplitsing naar een krediet voor de aanleg van de insteekhaven en het vaststellen van een exploitatieopzet voor de uit te geven gronden aan de insteekhaven. 
Omdat de toekomst van de insteekhaven nog onduidelijk is (zie verder) houden we de bedragen uit het raadsvoorstel van september 2019 voorlopig aan als uitgangspunt.

Investering aanleg insteekhaven
Op basis van het raadsbesluit van september 2019 is er een krediet beschikbaar van € 22 mln. Voor de meerjarenbegroting gaan we voorlopig uit van kapitaallasten met ingang van 2030.

Grondexploitatie insteekhaven
Voor de kosten en opbrengsten die betrekking hebben op de uit te geven percelen aan de insteekhaven is een exploitatieopzet vastgesteld door de raad. Hierbij gaat het om een kavel voor de containerterminal en om een kavel voor haven gebonden logistieke bedrijvigheid. Naast de kosten zoals bouwrijp maken, aansluiten nutsvoorzieningen, infrastructuur, op hoogte brengen van het terrein en uiteindelijke woonrijp maken, is rekening gehouden met de verwervingskosten. Tegenover deze te maken en gemaakte kosten, zijn de opbrengsten van de uit te geven bedrijfspercelen opgenomen.
Voor de Nota grondexploitatie 2026, die gelijktijdig met de jaarstukken 2025 aan de raad wordt aangeboden, wordt deze exploitatieopzet geactualiseerd.

Op het moment van een nieuwe aanbesteding (zie verder) zal bekeken moeten worden in hoeverre de huidige kredietvotering en vastgestelde grondexploitatie bijgesteld moeten worden.

Risico’s
De risico’s komen nu vooral voort uit het stikstofdossier en de belangrijkste zijn: er wordt geen Wnb-vergunning afgegeven, de bijdrage van de provincie komt te vervallen en de raad gaat niet akkoord met de nieuwe ramingen voor emissieloos aanbesteden. De overige risico’s zijn o.a.  geen medewerking van andere partijen zoals provincie voor emissieloos bouwen, te grote technische uitdagingen zoals netcongestie en de subsidies voor Smart Port activiteiten (regio deal) hangen in sterke mate af van te kiezen oplossingsrichtingen voor stikstof.
Ook zal er een keuze gemaakt moeten worden welk deel van de eerder gemaakte kosten afgeboekt moet worden of meegenomen kunnen worden in de nieuwe businesscase van de insteekhaven.

Stikstof
De rechtbank Oost-Brabant heeft in december 2025 de door de provincie verleende natuurvergunning vernietigd, omdat de motivering van de provincie bij het inzetten van stikstofruimte uit extern salderen onvoldoende is, met name waar sprake is van een (dreigende) verslechtering van Natura 2000-gebieden (additionaliteitsvereiste). Dit betekent dat de insteekhaven op dit moment niet kan worden aangelegd en in gebruik genomen.

Gevolgen voor de aannemingsovereenkomst
In 2021 heeft de gemeente Waalwijk met de combinatie Mourik-FL een aannemingsovereenkomst gesloten voor de realisatie van de insteekhaven. In deze overeenkomst is een opschortende voorwaarde opgenomen: uiterlijk voor 1 februari 2026 moet een onherroepelijke natuurvergunning zijn verleend.
Door de vernietiging van de natuurvergunning kan deze opschortende voorwaarde niet tijdig worden vervuld. Dit betekent dat de aannemingsovereenkomst niet in werking treedt en partijen over en weer geen verdere verplichtingen hebben. Op grond van de overeenkomst is de gemeente een eenmalige schadevergoeding verschuldigd van € 200.000. Dit bedrag zal als incidenteel nadeel worden gemeld in het Voorjaarsbericht 2026.
Om de kansen op het aanleggen van een insteekhaven te behouden heeft de gemeente afgesproken om de volgende stappen te nemen: 

Hoger beroep
De gemeente heeft hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In hoger beroep wordt de uitspraak van de rechtbank inhoudelijk beoordeeld. Een belangrijk punt is de onderbouwing dat de projecten geen significante aantasting van de Natura 2000-gebieden veroorzaken en dat aan het zogenoemde additionaliteitsvereiste wordt voldaan. De verwachting is dat de rechtbank pas eind dit jaar een uitspraak hierover doet. 

Emissiereductie bouwen en exploiteren
Zoals aangekondigd in de vorige raadsinformatiebrief onderzoeken wij alternatieve scenario’s en aanvullende maatregelen, waaronder mogelijkheden voor extra emissiereductie. Hiervoor is een herijking nodig van gehanteerde uitgangspunten waarbij de centrale vraag is tot welk niveau emissieloos bouwen en exploiteren toegepast kan worden om de effecten op de natuur te minimaliseren. Een eventueel restant kan dan nog opgelost worden met salderen en/of ecologische beoordeling. Mocht dit aantoonbaar lukken dan kan een nieuwe natuurvergunning aangevraagd worden zonder dat de stikstof hier nog een rol speelt en er dus geen risico’s zijn in aanleg en exploitatie. Hiervoor hebben we de samenwerking nodig met de Provincie die dit proces moet ondersteunen. 
De (financiële) gevolgen van eventuele nieuwe keuzes en aanvullende maatregelen nemen wij mee in de onderzoeken. Waar besluitvorming door de raad nodig is, leggen wij deze ter besluitvorming voor.

Organisatie
Gedurende deze voorbereidende fase tot de feitelijke keuze over wel of geen doorstart van de Insteekhaven zal het aanbestedingsteam operationeel blijven maar met een lagere bezetting en frequentie. Waar nodig worden nu de voorbereidende werkzaamheden voor de insteekhaven voortgezet. Het gaat dan om de economische meerwaarde van de insteekhaven (onderzoek Buck Consultants International), uitwerken scenario’s emissieloos bouwen en exploiteren, voorbereiding eventuele tenderaanvraag en op het dossier stikstof zijn de samenwerking met Provincie en de verdere procesvoering van het hoger beroep) de belangrijkste werkzaamheden. 
Voor de realisatiefase (na definitieve gunning) wordt het organisatieschema aangepast:
-    Uitvoeringsteam met projectleider civiele techniek, directievoering en toezichthouders. (Programma van eisen en voorbereiding tender).
-    Projectteam met algemene projectleider, omgevingsmanagement, Smart Port, civiele techniek, financiële mandatering en planning en control).
-    Maandelijks overleg projectleiding, Smart Port, civiel-technisch projectleider en wethouder.
-    Maandelijkse stuurgroep met de verantwoordelijke afdelingen (OBL en RBL) en managers.

Tijd
Op dit moment is de voortgang afhankelijk van de keuzes voor de toekomstige scenario’s voor de Insteekhaven. In april heeft Buck consultants zijn rapport afgerond en dit rapport zal bestuurlijk ter besluitvorming worden voorgelegd. De uit te werken scenario’s voor emissieloos bouwen en exploiteren worden rond de zomer verwacht waarna een definitieve keuze gemaakt kan worden over de toekomst van de Insteekhaven.

Informatie
Projectdossiers op deelonderwerpen (civiele techniek, risicodossier, omgevingsmanagement, stikstofdossier en communicatie), geven inhoudelijke informatie over het project. Daarnaast worden via de Grotick-rapportages de voortgang in de reguliere P&C cyclus in het Voor- en Najaarsbericht gepresenteerd.

Kwaliteit
De kwaliteitseisen van stakeholders (o.a. RWS, WBD, toekomstige exploitant, Smart Port, Provincie) moeten worden opgenomen in het definitief ontwerp, de bestekken en in de selectie- en aanbestedingsleidraad. Dit vindt plaats nadat de keuze over de toekomst van de Insteekhaven is bepaald.  
Voor de uitvoeringsfase zullen de contractstukken van de aannemer moeten voldoen aan de geëiste en gewenste kwaliteitseisen. Deze zijn ook o.a. opgesteld aan de hand van 4 EMVI-criteria: planning, waterveiligheid, emissieloos bouwen en exploiteren, risico’s en projectcommunicatie.

Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL)

Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL)

Terug naar navigatie - Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL) - Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL)

Project: Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat
Fase: Voorbereiding door aannemer
Doel: Het programma heeft de naam 'Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat' gekregen (in het vervolg de GOL genoemd) en verbetert de economische vitaliteit van het gebied én de leefkwaliteit van de bewoners en gebruikers. Over een afstand van zo'n 20 kilometer tussen Waalwijk en 's-Hertogenbosch worden op en aan de snelweg A59 diverse deelprojecten uitgevoerd. De veiligheid op de A59 wordt vergroot doordat 4 van de 9 gevaarlijke op- en afritten verdwijnen. Door de aanleg van (parallel-)wegen verbetert de doorstroming van het verkeer van en naar de A59. De bereikbaarheid van (bestaande en nieuwe) woonwijken en bedrijventerreinen wordt verbeterd. Daarnaast verhoogt het programma GOL ook de ecologische en recreatieve kwaliteit van het gebied en draagt bij aan meer bescherming voor het milieu en is het sluitstuk in de realisatie van het project Hoogwateraanpak 's-Hertogenbosch (HoWaBo). Er worden twee ecopassages gemaakt onder de A59 door waardoor de waardevolle groene gebieden ten noorden en ten zuiden van de A59 met elkaar verbonden worden. Tenslotte wordt het woon-werkverkeer gestimuleerd door het realiseren van een snelfietsroute tussen Waalwijk en 's-Hertogenbosch met een noordelijke verbinding van Nieuwkuijk naar Haarsteeg.

Vooraf, leeswijzer
Voorliggende voortgangsrapportage is samengesteld ten behoeve van de projectbeheersing door de gemeenteraad. Met deze rapportage kan de gemeenteraad vaststellen en controleren of het project GOL binnen de door haar vastgestelde beleidskaders ten uitvoer wordt gebracht. Het GOL is een gemeentegrens overstijgend integraal project. Gemeente Waalwijk, Heusden en waterschap Aa-en Maas zijn samen met de provincie risicodragende partijen. Er is gekozen voor een geïntegreerd contractvorm (UAV-GC) met een aanbesteding op prijs/kwaliteit. De aannemerscombinatie Mourik/Besix heeft het werk aangenomen. De combinatie is verantwoordelijk voor het ontwerp en de realisatie van het project.

De provincie Noord-Brabant is opdrachtgever en stuurt het project aan. Samen met de stakeholders is er een ambtelijke (ABG) en politieke (stuurgroep) rapportagelijn opgezet.

Geld
De aanvullende krediet aanvraag om de doorstart van het project mogelijk te maken is in de maand juni van 2025 door de Provinciale Staten van Noord-Brabant, gemeente raden van Heusden en Waalwijk bekrachtigt. Op basis van deze besluiten is door de provincie, met mandaat van de Stuurgroep, aan de combinatie Mourik/Besix de opdracht gegeven om het werk opnieuw op te starten en uit te gaan voeren.

Hierna een opsomming van de reeds genomen besluiten.
•    In de raadsvergadering van 14 april 2020 zijn door de raad de benodigde middelen voor het GOL beschikbaar gesteld. 
•    In de  raadsvergadering van 7 juli 2021 is een aanvullend krediet beschikbaar gesteld. 
•    In de Raadvergadering van 26 juni 2025 is een aanvullende bijdrage beschikbaar gesteld.

Risico’s
Het budget dat nu is verkregen is op basis van de nu bekende feiten, vertraging en risico’s. Nooit valt uit te sluiten dat er zich onbekende of ongewenste zaken zich voordoen met gevolgen in tijd en geld. Natuurrampen, oorlogen, epidemieën e.d. zijn sowieso niet te voorzien. Daarnaast is en blijft er een inflatierisico.
Daarnaast zijn in het raadsvoorstel van 26 juni 2025 de onderstaande risico’s meegegeven:

Een/meer van de risicodragende partners voteert onvoldoende/geen budget
Voor de uitvoering van de GOL is er aanvullend budget nodig. Indien een van de risicodragende partners geen aanvullend budget toekend kan het project geen doorgang vinden. Het budget dat nu wordt aangevraagd is op basis van de nu bekende feiten, vertraging en risico’s. Nooit valt uit te sluiten dat er zich onbekende of ongewenste zaken zich voordoen met gevolgen in tijd en geld. Natuurrampen, oorlogen, epidemieën e.d. zijn sowieso niet te voorzien. Daarnaast is en blijft er een inflatierisico.

Procedures tegen besluiten die voor het GOL van belang zijn
Het PIP en de vergunning Natuurbescherming (stikstof) voor het GOL zijn onherroepelijk. Andere juridische procedures, tegen nog te nemen besluiten over uitvoeringsvergunningen, zijn niet uit te sluiten. De mogelijkheid bestaat dat belanghebbenden zich blijven verweren in juridische procedures of dat eisen worden gesteld bij de afgifte van een vergunning of ontheffing, die gevolgen hebben in tijd of geld. 

Organisatie
De projectorganisatie valt onder de verantwoordelijkheid van de provincie Noord-Brabant. De gemeente heeft een toetsende en vergunningverlenende rol.

Tijd
Inmiddels ligt er na 6,5 jaar een positieve uitspraak van de Raad van State d.d. 26 februari 2025. Daarmee staat voor het project GOL het sein op groen om door te kunnen naar de realisatiefase. Hiertoe is op 26 juni 2025 een raadsbesluit genomen voor aanvullend krediet. In deze zelfde week is er een besluit op aanvullend krediet genomen door de gemeente Heusden en de provincie Noord-Brabant.  Op basis van deze besluiten is door de provincie, met mandaat van de stuurgroep, aan de combinatie Mourik/Besix de opdracht gegeven om het werk opnieuw op te starten en uit te gaan voeren. 
De aannemer heeft een planning gemaakt om het GOL te realiseren in een periode van 4 jaar waarbij er begin 2026 gestart is in de gemeente Waalwijk.

Informatie
Informatie wordt door de provincie gedeeld met de risicodragende partijen en relevante stakeholders (waaronder gemeente Waalwijk). Hiervoor zijn diverse bestuurlijke en ambtelijke overleggen geïnitieerd. Het project wordt door diverse externe partijen kritisch gevolgd. Dit zijn stichtingen (waaronder “Van GOL naar Beter”, “Federatie Behoudt de Langstraatspoorbruggen”) en personen. Bij de provincie Noord-Brabant zijn inmiddels verschillende WOO-verzoeken ingediend welke door de provincie in behandeling worden genomen en afgehandeld.

Communicatie (resultaten, activiteiten)
De projectcommunicatie wordt door de provincie gedaan. De uitvoeringscommunicatie door de aannemerscombinatie. Periodiek vindt er een omgevingsoverleg plaats met de risicodragende partijen waarbij team communicatie is aangehaakt.

Kwaliteit 
Door de risicodragende partijen zijn kwaliteitseisen meegegeven. Deze zijn verwerkt in het UAV-GC contract en daarop is de aannemerscombinatie geselecteerd. Op naleving van deze eisen wordt door de provincie gestuurd en getoetst. Eventuele afwijkingen worden gedeeld met de risicodragende partijen.

 

Tussenvoorziening / opvanghotel

Tussenvoorziening / opvanghotel

Terug naar navigatie - Tussenvoorziening / opvanghotel - Tussenvoorziening / opvanghotel

Sinds 12 september 2022 vangen we Oekraïense vluchtelingen en statushouders op in het hotelgebouw aan de Bevrijdingsweg 1 in Sprang-Capelle. Op deze opvanglocatie hebben we: 231 plekken voor Oekraïense vluchtelingen en 35 plekken voor statushouders. De opvang op deze locatie loopt in ieder geval door tot 12 september 2027.

Met ingang van het Voorjaarsbericht 2023 wordt ten behoeve van de projectbeheersing door de gemeenteraad via de P&C-cyclus gerapporteerd als majeur project. Met deze rapportage kan de gemeenteraad vaststellen en controleren of het project tussenvoorziening / opvanghotel binnen de door haar vastgestelde beleidskaders ten uitvoer wordt gebracht.

Geld
De uitgaven voor opvang, leefgeld en ambtelijke ondersteuning worden evenals in voorgaande jaren vergoed door het Rijk. Er zijn daarmee geen financiële gevolgen voor de gemeente.
Voor de opvang van statushouders ontvangen we een vergoeding van het COA.

Risico's
We zien de volgende risico’s:

Exit-strategie
We vangen nu een grote groep vluchtelingen en statushouders op in het hotel. Dit is een tijdelijke situatie die vooralsnog duurt tot 12 september 2027. Wanneer de opvang op deze locatie stopt, ligt er een aanzienlijke opgave om de Oekraïense vluchtelingen te begeleiden naar hun thuisland en/of hen op een andere locatie onderdak te bieden. (De statushouders zijn gekoppeld aan een gemeente en volgen de reguliere huisvestingsroute.) Dit vraagt vroegtijdig onderzoek en handelen om alternatieve huisvesting te organiseren.

Doorstroom statushouders
We zien dat het moeilijk is om voor statushouders passende woningen te vinden. Dit betekent dat gezinnen steeds vaker voor een langere periode in het opvanghotel verblijven. Alhoewel de kinderen alvast naar school gaan in Waalwijk en de volwassenen kunnen starten met inburgeren, is dit geen bevorderlijke situatie. Door statushouders in het hotel op te vangen, willen we ook de asielketen ontlasten. Wanneer er weinig doorstroming is, bereiken we dat doel in mindere mate.


Organisatie
In het opvanghotel werken we samen met het Rode Kruis, het hotel en de beveiliging. De gemeente voert de regie. De betrokken medewerkers namens de gemeente zijn hiervoor ingehuurd of vrijgemaakt. Deze inzet leidt niet tot organisatorische problemen in het gemeentelijke apparaat. De kosten van deze inzet vergoedt het rijk.

Tijd
De huidige overeenkomst met het hotel verliep op 12 september 2026. Op 24 februari jl. besloot het college de opvang met een jaar te verlengen. De nieuwe einddatum is 12 september 2027. De brief hierover is hier te vinden: raadsinformatiebrief 016-26.

Informatie
Via de reguliere P&C-cyclus en op verzoek delen we de voortgang in het opvanghotel.

Communicatie
We blijven investeren in het betrekken van inwoners bij de opvang in het hotel.

Kwaliteit
Uit onderzoek blijkt dat de vluchtelingen in de opvang zeer tevreden zijn. Zowel de statushouders als de Oekraïense vluchtelingen voelen zich veilig in de opvanglocatie, ervaren weinig stress en doen naar vermogen mee in de samenleving. Tot nu toe verloopt de opvanglocatie zonder noemenswaardige problemen. 

Invoering Omgevingswet

Omgevingswet

Terug naar navigatie - Invoering Omgevingswet - Omgevingswet

Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet officieel in werking getreden. We werken nu al ruim twee jaar met de nieuwe wetgeving. De omgevingsvisie was één van de trajecten met een langere doorlooptijd. Dit traject is inmiddels conform planning afgerond. De volledige afronding van de implementatie wordt voorzien in 2032, het moment waarop het Omgevingswet-proof omgevingsplan voor gemeente Waalwijk gereed moet zijn.

Geld
De stand van zaken van de reserve voor de Omgevingswet per start van 2026 was afgerond € 546.000. De verwachting is dat dit bedrag onvoldoende is ter dekking van de te maken kosten in 2026 op basis van de eerste planning met financiële consequenties voor de periode tot 2032.
Voor de volledige implementatie van de Omgevingswet in Waalwijk — inclusief de periodieke herziening van de omgevingsvisie, de ontwikkeling en uitvoering van omgevingsprogramma’s en het opstellen van het volwaardige omgevingsplan — is structureel en incidenteel budget en capaciteit noodzakelijk. Voor 2026 voorzien we een tekort van €624.000. Alleen met voldoende middelen kan de gemeente de strategische doelen realiseren, de uitvoering monitoren en de wettelijke verplichtingen nakomen. 

De opgedane ervaring met het werken aan het omgevingsplan nieuwe stijl maakt dat we vanaf 2027 komen met een nieuwe raming voor dit onderdeel. In het voorjaar van 2027 zal vervolgens voor de Kadernota 2028 de stand van zaken met betrekking tot het opstellen van de omgevingsplannen opnieuw bekeken worden. Hoe verhouden de werkelijke kosten zich tot de nu opgestelde ramingen en is er sprake van een versnelling of vertraging ten opzichte van de planning waarvan op dit moment wordt uitgegaan. Op basis hiervan zal bekeken worden met welk budget in de begroting rekening moet worden gehouden. 

Risico's
Net als in de eerdere rapportages geldt nog steeds dat overschrijding van de vergunning-termijn een te benoemen risico is, dat zich tot nu toe nog niet heeft voorgedaan. De doelstelling van de Omgevingswet dat alles simpeler en sneller wordt, ligt nog in de toekomst. Dit geldt landelijk, en hangt ermee samen dat deze voordelen pas in beeld komen zodra het Omgevingswet-proof omgevingsplan gereed is, naar verwachting na 2032. Verder blijkt het omzetten van het omgevingsplan van rechtswege naar het Omgevingswet-proof omgevingsplan een nog grotere klus te zijn dan tevoren verwacht. Dit zijn ook de ervaringen in den lande. De extra tijd wordt vooral veroorzaakt doordat het op juridisch, technisch en procedureel vlak om een totaal nieuwe aanpak gaat ten opzichte van het opstellen van de toenmalige bestemmingsplannen, en dat met verouderde ruimtelijke plannen en beleid.

Organisatie
Bij de invoering van de Omgevingswet zijn veel medewerkers betrokken en het betreft verschillende onderdelen. Een groot aantal implementatiewerkzaamheden is afgerond of belegd als regulier werk binnen de lijnorganisatie. Sommige onderdelen kennen een langere doorlooptijd. Door en voor het opstellen van het omgevingsplan nieuwe stijl komen nieuwe functies en rollen aan bod die voorheen nog niet bestonden. De verantwoordelijkheid voor het inregelen van de nieuwe functies en rollen is belegd bij het lijnmanagement. In het Plan van Aanpak Werken met de omgevingsvisie wordt beschreven welke onderdelen moeten worden uitgewerkt om als organisatie goed te kunnen werken met de omgevingsvisie. Hierin wordt ook een indicatie gegeven van benodigde rollen voor de betreffende uitwerking. 

Tijd
De Omgevingsvisie gemeente Waalwijk is eind 2025 aangeboden aan de raad ter vaststelling, op 3 februari vastgesteld en op 26 februari in werking getreden. De omgevingsvisie vormt de basis voor het omgevingsplan.
Het transitieplan om te komen tot een omgevingsplan sluit daarop aan. Het college heeft dit plan van aanpak 4 november 2025 vastgesteld. De raad is hierover middels een raadsinformatiebrief geïnformeerd. 
Eind 2025 is gestart met de eerste activiteiten om het omgevingsplan op te stellen. Dit is een proces van jaren en loopt door tot eind 2031. Het omzetten van het tijdelijke, van rechtswege-omgevingsplan naar een nieuw Omgevingswet-proof omgevingsplan is één van de grootste uitdagingen tijdens de transitieperiode. De opgave om te komen tot een nieuw omgevingsplan is niet beperkt tot het werkveld ‘Ruimtelijke Ordening’. Ook vanuit de andere afdelingen uit het fysieke en sociale domein zal ook een belangrijke bijdrage geleverd moeten worden bij het omzetten van beleid en verordeningen naar het nieuwe omgevingsplan. In het Plan van Aanpak werken met de omgevingsvisie wordt voor de uit te werken onderdelen een advies voor de beoogde tijdlijn gegeven waarbinnen het betreffende onderdeel zou moeten worden uitgewerkt. 

Informatie en communicatie 
Inwoners en bedrijven worden op verschillende manieren geïnformeerd over de Omgevingswet. De website geeft hier informatie over en wordt regelmatig geactualiseerd, o.a. naar aanleiding van de inwerkingtreding van de omgevingsvisie. Er is een front-office voor vragen over ruimtelijke initiatieven. De procedure voor de omgevingsvisie kon stapsgewijs worden gevolgd via het participatieplatform, door de interne organisatie en door de samenleving. Op dit participatieplatform staan de lopende participatietrajecten en vindt een terugkoppeling plaats van afgeronde stappen. Het participatietraject voor de omgevingsvisie staat vermeld onder de naam “De toekomst van Gemeente Waalwijk”. Voor het omgevingsplan wordt per te wijzigen deel een participatieplan opgesteld waaruit blijk top welke manier de (keten)partners en de omgeving bij de wijziging worden betrokken.

Kwaliteit
De invoering van de Omgevingswet moet op de langere termijn effect krijgen op de kwaliteit van de dienstverlening voor integraliteit, participatie en deregulering. Dit zal wellicht onder anderen meer concreet vorm krijgen zodra het omgevingsplan nieuwe stijl het huidige omgevingsplan van rechtswege stap voor stap gaat vervangen. 

Implementatie Samen Redzaam

Grotick

Terug naar navigatie - Implementatie Samen Redzaam - Grotick

Het programma Samen Redzaam is aangemerkt als één van de majeure projecten van de gemeente. Deze voortgangsrapportage maakt onderdeel uit van het Voor- en Najaarsbericht. Onderstaand wordt per onderdeel van de GROTIK-methodiek een nadere toelichting gegeven op de stand van zaken.
 
Geld
Voor het programma Samen Redzaam is vanaf 2023 een bedrag van € 1,3 miljoen beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de transformatie, van voorbereiding tot en met implementatie. Het zogenaamde ‘transformatiebudget’. Hieronder laten we de stand van zaken van dit budget zien.

Implementatie koers Begroot 2023 Realisatie 2023 Realisatie 2024 Realisatie 2025 Prognose 2026 Saldo voor 2027 evj
Tijdelijke formatie; vrijmaken zittend personeel en toevoegen expertise 600.000 40.103 231.460 171.625 116.000 66.391
Tijdelijke formatie ondersteunende teams 300.000 3.398 200.000 - 100.000 30.000
Opzetten en implementeren monitor Sociaal Domein 300.000 15.300 134.550 31.000 50.000 -
Opleiding, communicatie en onvoorzien 100.000 - 35.564 5.000 59.609 10.000
Totaal 1.300.000 58.801 601.574 207.625 325.609 106.391
    1.241.199 639.625 432.000 106.391  

In 2025 en begin 2026 hebben we een deel van deze middelen ingezet voor de uitvoering van de voorstellen uit het verzamelvoorstel 2025 en het verzamelvoorstel 2026. Het betreft onder meer de ontwikkeling van de sociale basis waarbinnen participatietrajecten worden uitgevoerd, een wijkteam is opgestart en waarbij we bezig zijn met een onderzoek naar een vierde ontmoetingsplek. Daarnaast is het Stevig Lokaal Team (SLT) gestart, zijn 15 professionals opgeleid in de Doorbraakmethodiek, bestendigen we de indicatievrije dagbesteding en richten we mogelijkheden in om vanuit deze ‘trede 3’ voorzieningen af te schalen naar de sociale basis (trede 2 en 1).

We implementeren de value cases, zijn aan de slag met de monitor sociaal domein, geven invulling aan impactgericht subsidiëren en hebben een praatplaat en klantreizen gemaakt waarmee we vanuit communicatie de beweging kracht bij zetten en concreet maken.

Tot slot lopen er een aantal projecten op het gebied van Zorg en Veiligheid, waarvoor subsidies zijn verkregen vanuit het Rijk en ZonMw. Hier staat cofinanciering vanuit de gemeente tegenover.

Bij alle inzet wordt bekeken of dit financieel zo efficiënt mogelijk kan worden ingericht.
Omdat het zwaartepunt van de implementatie in 2026 ligt, is de verwachting dat het resterende deel van het transformatiebudget grotendeels in dit jaar zal worden ingezet.

Bij elk P&C-product blijven we hierover rapporteren, met als uitgangspunt dat er géén aanvullende middelen worden aangevraagd voor deze transformatie.

Risico’s
Bemensing:
De implementatie vraagt om specifieke expertise die niet binnen de organisatie beschikbaar is, zoals op het gebied van business control, community building, impactgericht subsidiëren en data-analyse. Daarnaast zijn voor het voorliggend veld nieuwe type professionals nodig, zoals gezinscoaches voor het Team Jeugd en Gezin. Het aantrekken en inwerken van deze professionals kost tijd.

Overgang naar indicatievrije ondersteuning:
De transformatie van geïndiceerde zorg naar indicatievrije ondersteuning vraagt aanpassingsvermogen van zowel de organisatie als samenwerkingspartners. Vooral binnen het jeugddomein bestaat er financieel risico, aangezien deze zorg regionaal wordt ingekocht en afgerekend. Niet-benutte middelen worden pas na afsluiting van het boekjaar terugontvangen. We beïnvloeden de instroom naar geïndiceerde zorg deels en sturen hierop actief via onze regionale rollen.

Werkdruk:
De transformatie vindt plaats gelijktijdig met reguliere werkzaamheden, wat leidt tot capaciteitsdruk. De combinatie van veranderopgaven en bestaande werkdruk vertraagt het tempo. Concrete activiteiten helpen om de uitvoerbaarheid en betrokkenheid te vergroten.

Autonome ontwikkelingen en financiële onzekerheden:
Op ontwikkelingen zoals dubbele vergrijzing, zorgcomplexiteit, indexaties en rijks- of regionale beleidswijzigingen hebben we beperkt invloed. Deze kunnen het sociaal domein structureel financieel belasten en worden nauwlettend gevolgd.
?
Organisatie
Het programma samen redzaam is in volle gang. Er worden mooie resultaten geboekt voor onze inwoners vanuit de verschillende initiatieven die zijn en worden geïmplementeerd. Ook hebben we in 2025 de resultaten behaald conform de opdracht van de value cases. Zowel inhoudelijk als financieel is dit toegelicht in de jaarrekening 2025.

In 2026 zetten we deze beweging voort en ligt er een grote opdracht voor ons. In dit jaar maken we de grootste kanteling. Dat vraagt iets van de inhoud, organisatie en randvoorwaarden. Vanuit de organisatie is in 2024 gestart met een nieuwe organisatiekoers. Onderdeel hiervan is het aanscherpen van de sturing en de basis op orde. Deze beide ontwikkelingen, het programma en de organisatiekoers, versterken elkaar en komen nu samen. Door deze inzet en inspanningen vanuit de inhoud en de organisatie raken we aan de kern van de organisatie en constateren we nu dat de basis waarop we veranderen op dit moment, in ieder geval binnen Team Wijz, onvoldoende op orde is.

We constateren dat het inzicht en overzicht van de basis ontbreekt en elementen daarbinnen niet op orde zijn, waaronder de formatie. Omdat we dit eind maart hebben geconstateerd, onderzoeken we wat er precies aan de hand is en kunnen we de omvang van het probleem nog niet duiden. Hier komen we op terug in het Najaarsbericht 2026. Dit kan van invloed zijn op de snelheid waarmee we de transformatie vanuit Samen Redzaam kunnen vormgeven voor het deel dat te maken heeft met Team Wijz. Dat zijn het Stevig Lokaal Team en de te behalen resultaten vanuit de value cases. Ook hiervoor geldt dat we de impact op het programma nog onderzoeken en hierop terugkomen in het Najaarsbericht 2026.

Kwaliteit
In het programma is kwaliteit geborgd vanuit het perspectief van de inwoner. We geven inwoners meer regie en ruimte om ondersteuning mede vorm te geven. Dat zien we terug in innovatieve initiatieven als community building, de doorbraakmethodiek en participatie in de wijken, evenals in de inrichting van het wijkteam en het Stevig Lokaal Team. Om de effectiviteit te monitoren werken we met valuecases en gerichte businesscases, bijvoorbeeld gekoppeld aan Team Jeugd en Gezin, De Kazerne, en indicatievrije dagbesteding. Ook het Stevig Lokaal Team krijgt een eigen businesscase. Deze starten we op zodra we duidelijkheid hebben over de ‘basis op orde’ binnen Team Wijz.

Informatie & Communicatie

Interne communicatie
Er heeft veel nadruk gelegen op interne communicatie. Na 1 volledig implementatiejaar worden projecten en activiteiten steeds concreter. We zetten dit kracht bij door te werken met een praatplaat en klantreizen, zodat we goed duidelijk kunnen maken wat de transformatie concreet betekent in het contact met inwoners.

We maken daarnaast gebruik van de intranetomgeving en digitale nieuwsbrieven. De belangrijkste communicatievorm is lijncommunicatie, via de afdelingshoofden en coördinatoren.

Naast de medewerkers vindt periodiek afstemming plaats met de gemeenteraad, het college en de Sociale Advies Raad (SAR).

Externe communicatie
Communicatie moet passen bij de doelgroep die we willen aanspreken. Deze doelgroep is per project dat vanuit Samen Redzaam wordt uitgevoerd anders. De communicatiestrategie is daarom op hoofdlijnen. De communicatiestrategie is de basis voor alle projecten die vanuit Samen Redzaam worden opgestart. Per project worden concrete communicatieplannen uitgewerkt en uitgevoerd. De communicatie rondom het programma Samen Redzaam beweegt mee met de inhoud van het programma. Hoe meer de inhoudelijke projecten en interventies vorm krijgen, hoe scherper we ook de bijbehorende communicatie kunnen vormgeven.?

Partners in het sociaal domein blijven we meenemen met digitale nieuwsbrieven en vooral in de warme directe contacten via medewerkers van de gemeente.

Communicatie richting inwoners pakken we op als het de inwoners ook echt raakt (of op termijn gaat raken) en dus relevant is. Denk aan participatie in de wijken. Dit kan kleinschalige communicatie zijn in één-op-één gesprekken, maar ook breder via andere communicatiemiddelen. Dit wordt in het project bepaald, passend bij de doelgroep en opgave. Bij elk onderdeel van Samen Redzaam wordt de communicatieadviseur betrokken.

Tijd

De implementatieperiode is 2024 t/m 2027. De planning op hoofdlijnen ziet er als volgt uit:

De Els