Meer
Publicatiedatum: 09-10-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Paragraaf Financiering (en treasury)

Paragraaf Financiering (en treasury)

De treasuryfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma's. Treasury gaat over de financiering van beleid en het aantrekken van het geld dat daarvoor nodig is.

1. Algemene ontwikkelingen
De economie in de eurozone heeft zich na een aantal broze jaren behoorlijk ontwikkeld en leek er beter voor te staan. De economische vooruitzichten zijn ook steeds beter geworden. De ECB heeft het monetaire beleid aangepast. De maandelijkse opkoopprogramma’s Werden geleidelijk aan afgebouwd en zelfs beëindigd. Het wordt echter niet uitgesloten dat de opkoopprogramma's nieuw leven in worden geblazen, teneinde de economie op gang te houden. De doelstelling om in het kader van de prijsstabiliteit voor de middellange termijn een inflatie te realiseren van rond de 2% lijkt ook binnen bereik te komen.  Eerdere aankondigingen om geleidelijk aan de rente te gaan ophogen zijn door de ECB-president voorlopig doorgeschoven, de economie zou daardoor immers opnieuw terug kunnen vallen. Er zijn zelfs signalen dat de Europese Centrale Bank de rente waartegen banken kunnen lenen, in plaats van te handhaven op het historisch lage niveau van 0% en de rentevergoeding op tegoeden die banken bij de ECB aanhouden eveneens te handhaven -0,4%, nog verder wil gaan verlagen. De laatste maatregel heeft te maken met het verder aanjagen van de inflatie en daarmee op gang brengen van de economie. De afkoelende wereldeconomie is een groot probleem voor de open economie van de Eurozone. De export is namelijk goed voor bijna de helft van het Eurozone-BBP. Volgens een maandelijkse inkoopmanagersindex zal de groei van de economie van de Eurozone in het derde kwartaal mogelijk het nulpunt naderen. Vooral de industrie, en het bijzonder de Duitse industrie – de groeimotor van Europa – wordt hard getroffen. Volgens het gezaghebbende Duitse economische Ifo Instituut ziet de industrie de vraag als sneeuw voor de zon smelten en is de sector in een "vrije val geraakt." ECB-President Draghi nam bij het rentebesluit in juli 2019 dan ook geen blad voor de mond toen hij zij dat de vooruitzichten voor de economie van de Eurozone "slechter en slechter" worden. Naar alle waarschijnlijkheid zal de ECB bij het rentebesluit van september een stimuleringspakket aankondigen. Een renteverlaging is daarbij zo goed als zeker.

De Nederlandse overheid en daarmee de decentrale overheden profiteren eveneens van deze lage rente. In augustus 2019 waren de tarieven voor 1-maands kasgeld -0,4% en voor rekening-courant krediet -0,35%. Voor 10-jaars leningen liggen de tarieven historisch laag, ruim onder de 1% (circa ¼%). Kort financieren blijft voordeliger en daarmee zeer aantrekkelijk.

2. Financieringsbehoefte en leningenportefeuille
We hebben de liquiditeitsplanning bijgesteld. Dat hebben we onder andere gedaan aan de hand van het overzicht met de kasstromen van het grondbedrijf zoals dat voortvloeit uit de laatste nota grondexploitatie.

De volgende tabel laat de verwachte financieringsbehoefte in de jaren 2020 tot en met 2023 zien. Omdat de financieringsbehoefte in alle jaren hoger is dan het bedrag aan jaarlijkse aflossing op leningen neemt onze totale schuld in die jaren toe. Dat laatste is terug te vinden in de tweede tabel.

Een kanttekening hierbij is dat de financieringsbehoefte sterk afhangt van de grondexploitatie, in het bijzonder van de grondverkopen. Bij vertraging in de geraamde verkopen neemt de financieringsbehoefte meer toe dan de tabel laat zien. Daarnaast hebben we inschattingen van het investeringsvolume, die in werkelijkheid kunnen afwijken. We blijven de ontwikkelingen volgen. Beslissingen over investeringen verwerken we in het totaalbeeld.


Liquiditeitsplanning op basis van de situatie per 1 augustus 2019
Hierbij is rekening gehouden met de projecten Gebiedsontsluiting Oostelijke Langstraat (GOL), het nieuwe schoenenmuseum en de insteekhaven.

Bedragen x € 1.000

Omschrijving

2020

2021

2022

2023

Exploitatierekening

 

 

 

 

Investeringen

46.700

10.300

4.900

5.400

Grondexploitatie

-9.200

-5.100

-4.200

-1.800

Aflossing leningen

16.500

14.800

12.800

10.900

Financieringsbehoefte

54.000

20.000

13.500

14.500

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schuldpositie

Bedragen x € 1.000

Omschrijving

2020

2021

2022

2023

Totale schuld (= langlopende leningen en kasgeld)

176.000

181.000

181.000

184.000

3. Rente
De gewijzigde BBV-voorschriften schrijven voor dat we inzicht geven in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de manier waarop we rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden toerekenen.

Berekening renteomslag

Bedragen x € 1.000

Financieringspositie
Bezit Vermogen
  2019 2020   2019 2020
Activa integraal gefinancieerd

240.769

248.788

Eigen vermogen

79.678

80.374

Activa project gefinancieerd

19.544

14.870

Voorzieningen 8.509

8.189

Grondexploitatie

20.829

1.212

Geldleningen

192.955

176.307

Totaal

281.142

264.870

Totaal

281.142

264.870

 

Activa - 2020 Schuld - 2020
  Boekwaarde Rente   Leningen Rente
Totaal activa  264.870   Totaal staat E 138.015 3.194
Project gefinancierd     Transitorische rente   -163
Ontsluiting weg Spranckelaer (begrotingswijziging 2015/005) -275 -4 Financieringstekort 38.292 520
Leningen woningbouw -5.355 -199      
Wilem van Oranje college lening -9.240 -139      
Hypotheken ambtenaren -1 0      
Grondexploitatie (totaal van complexen) -1.211 -16      
Integraal gefinancierd 248.788   Totaal 176.307 3.551
Renteposten Rentetoerekening
Externe rente 3.352 a. Externe rentelasten 3.551
Percentage externe rente 1.90% b. Externe rentebaten -199
Rente eigen vermogen n.v.t. Totaal door te rekenen externe rente 3.352
Rente percentage grondexploitaties 1.32% c. Rentelasten grondexploitatie -16
Rente grondexploitaties 16 c. Rentelasten projectfinanciering -143
Percentage activa projectgefinancierd diversen Saldo door te rekenen externe rente 3.193
Rente activa projectgefinancierd -143 d. Rente over eigen vermogen n.v.t.
Rente % voorzieningen op contante waarde 2.00% d. Rente over voorzieningen (CW) 0
Rente voorzieningen contante waarde 0 Rente toe te rekenen aan taakvelden 3.193
    e. De aan taakvelden toegerekende rente 3.732
    f. Rente resultaat op taakveld treasury 539
       
    Integraal gefinancierde activa 248.788
    Rente omslag percentage 1.28%
    Rente omslag percentage afgerond 1.50%
    Percentage te veel verdeelde rente 0.22%
    Te veel verdeelde rente 539

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De omslagrente hebben we naar boven afgerond en vastgesteld op 1,5%. Bij de verdeling van de externe rente naar de verschillende taakvelden ontstaat een positief exploitatieresultaat van € 539.000 op de activiteit kapitaallasten. Dit rentevoordeel is als voordeel opgenomen binnen deze programmabegroting.

4. Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet is het maximum aan gemiddelde netto vlottende schuld dat een gemeente in een kwartaal mag hebben. Bij netto vlottende schuld gaat het om financieringen met een looptijd korter dan 1 jaar.
De minister heeft de kasgeldlimiet op 8,5% van het begrotingstotaal vastgesteld. Voor Waalwijk is dat in 2020 afgerond € 12,2 miljoen. In de huidige markt kunnen we optimaal profiteren van het renteverschil met lang geld door maximaal gebruik te maken van de kasgeldlimiet.

5. Renterisiconorm
Bij het bepalen van de duur van de geldleningen die we aantrekken moeten we rekening houden met de renterisiconorm die in de Wet Fido (Financiering Decentrale Overheden) wordt voorgeschreven. De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering van langlopende geldleningen te beheersen. Het renterisico wordt daarbij bepaald als de som van de renteherzieningen en de aflossingen. Het is van belang dat renteherzieningen en aflossingen in de tijd gespreid zijn. De renterisiconorm is vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Dat is voor Waalwijk in 2020 afgerond € 28,8 miljoen. Dit is het bedrag dat we in 1 jaar maximaal mogen herfinancieren op langlopende leningen.

6. Schatkistbankieren
Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden van decentrale overheden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor hoeft het Rijk minder geld te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen.
Op basis van ons begrotingstotaal 2020 mogen we gemiddeld per dag afgerond € 1 miljoen (0,75% van begrotingstotaal) aan overtollige middelen aanhouden. Het eventuele meerdere aan overtollige middelen romen we dagelijks af en brengen we onder bij de Nederlandse schatkist. Hiervoor krijgen we een vergoeding die gelijk is aan de rente die het Rijk betaalt op leningen die ze op de markt aangaat.

7. Wet HOF / EMU-saldo
Het doel van de Wet HOF (Wet Houdbare OverheidsFinanciën) is er voor te zorgen dat Nederland voldoet aan de binnen Europa afgesproken norm van maximaal 3% tekort op de begroting. De 3%-norm is daarbij door vertaald naar een aandeel voor de decentrale overheden. Het Rijk hanteert een zogenaamde 'macronorm' voor de drie decentrale overheden gezamenlijk.
Voor het kabinet is er geen aanleiding om in te zoomen op sectoren (en dus ook niet op individuele overheden) zolang de norm voor de decentrale overheden als geheel niet wordt overschreden. Daarom worden er geen referentiewaarden meer voor individuele overheden bepaald, in tegenstelling tot de jaren tot en met 2015.
De huidige EMU-tekortruimte voor gemeenten is de afgelopen jaren gekrompen van 0,5% in 2015 tot 0,3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) met ingang van 2017. Het kabinet heeft bevestigd dat de decentrale overheden hun geplande investeringen gewoon kunnen uitvoeren.